Inleiding

Is het zo belangrijk hoe we de Bijbel lezen? Mijn ervaring is van wel. Ik was bijna gestrand in de tegenstrijdigheden in Gods Woord en de verschillende uitleggingen daarover. Staan er dan in de Bijbel teksten die elkaar tegenspreken? Ik heb ze wel gevonden. Neem bijvoorbeeld 1 Korinthe 7,26,29 en vergelijk dat met 1 Timotheüs 5:14. Ik weet wel dat je de teksten in het verband moet lezen, maar dan nog kwam ik er niet uit. In mijn studie "tegenstrijdigheden in de Bijbel" kun je lezen waar ik zoal tegenaan ben gelopen en hoe ik deze vermeende tegenstrijdigheden mag lezen.

In de verzen 1 Korinthe 1:10 en Filippenzen 2:2 spreekt de Bijbel over eensgezindheid. Als ik om mij heen kijk heb ik het idee dat we alles behalve eensgezind zijn. Over het werk van Christus denken we veelal wel hetzelfde, maar er zijn verder veel verschillen en dus ook veel groepen.

In de VISIE van januari 2014 wordt in “slijpsteen” gevraagd of werken aan kerkelijke eenheid verspilde energie is. 61 % vindt van niet, 39 % vindt van wel.

Ik denk dat veel van de verschillen te maken hebben met hoe we de Bijbel lezen.

Wat ik veel hoor en lees is dat wij tegenwoordig leven in en mogen bouwen aan het Koninkrijk van God. De Here Jezus wordt aanbeden als onze Koning. Maar is Christus op dit moment Koning? Hierover kun je lezen in mijn studie "De toekomst van de mens" deel 1 "Het Koninkrijk"

Maar om de bedoeling van het Koninkrijk goed te begrijpen raad ik je aan ook de andere delen van de studie te lezen. Daar vind je dan ook een een uitleg over "de hel", waar ik me aan gewaagd heb. Eén en ander hebben, naar mijn idee, met elkaar te maken.

"De hel" is een onderwerp waar we mee in onze maag zitten. Ongeveer 10 jaar geleden werd daar in diverse tijdschriften aandacht aan besteed. In het blad CV-Koers schreef een bekende Nederlander dat hij zou willen dat er een ander verhaal was dan "de hel". Bovendien werd het "ons nare geheimpje" genoemd.

Waar ik natuurlijk benieuwd naar ben is wat je van de studies vindt.

woensdag 21 februari 2018

OPENBARING 9


OPENBARING 9

Mijn studie over Openbaring 9 is af. Ik wil er in dit blog iets over delen. Het is een ernstig hoofdstuk. Mijn visie over Openbaring is dat deze profetieën nog vervuld zullen gaan worden in de, mogelijk nabije toekomst. Zie voor verdere uitleg mijn studie “De eindtijd”. Ik geloof dat wij nu leven in “De laatste tijden van de Gemeente”.

Vaak heb ik nog gemeend dat het wel eens mee zou kunnen vallen met de narigheid van 'de grote verdrukking'. Maar nu ik al die komende oordelen zo in de hoofdstukken, die ik tot nu bestudeerd heb, lees vrees ik het ergste. Gelukkig komen degene, die het zegel van God niet hebben, niet in een 'eeuwige durende hel'. Maar toch, deze oordelen zijn ook niet gering. Dus hoop en bid ik dat veel mensen Christus nog zullen aannemen als hun Verlosser, voor het te laat is.

1 En de vijfde engel blies op de bazuin, en ik zag een ster, uit de hemel op de aarde gevallen. En hem werd de sleutel van de put van de afgrond gegeven.
13 En de zesde engel blies op de bazuin, en ik hoorde uit de vier horens van het gouden altaar dat vóór God stond, één stem komen.

De drie laatste bazuinen zijn verbonden met de drie weeën. In dit hoofdstuk worden twee van de laatste drie bazuinen en weeën beschreven.

De vijfde engel blaast op de bazuin en er valt een ster of koning uit de hemel (vers 11). Dit heeft het eerste wee tot gevolg. Uit de afgrond komen rook en sprinkhanen die de mensen die het zegel van God niet op hun voorhoofd hebben zullen pijnigen.

De zesde engel blaast op de bazuin. Dit heeft, vanaf vers 15, het tweede wee tot gevolg. Er zullen vier engelen losgemaakt worden. Daaruit zullen tweemaal tienduizend maal tienduizend oftewel 200.000.000 bereden troepen, dit zijn paarden met ruiters, voortkomen. Dit leger zal er afschrikwekkend uitzien lees ik in vers 17. Ze zijn voorzien van zwavelkleurige borstharnassen en leeuwenkoppen. Er zal vuur, rook en zwavel uit hun mond komen. Ik weet niet of dit leger er nu echt zo uit zal zien of dat het symbolische beschrijvingen zijn. Ik vermoed het laatste, maar vaak worden demonische wezens op plaatjes wel voorzien van de meest afschuwelijke afbeeldingen. Hoe dan ook, buiten kijf staat dit leger veel doden zal maken onder de mensen die het zegel van God niet op hun voorhoofd hebben. Terwijl de overige mensen dit zullen meemaken bekeren zij zich niet.

20 En de overige mensen, die niet door deze plagen werden gedood, bekeerden zich niet van de werken van hun handen; zij bleven de demonen aanbidden en de gouden, zilveren, koperen, stenen en houten afgoden, die niet kunnen zien, horen of lopen.
21 Ook bekeerden zij zich niet van hun moorden, hun tovenarij, hun ontucht en het plegen van diefstal.

Ik lees in Mattheus 15: 19 en Markus 7: 21, 22 dat deze slechte dingen voortkomen uit het hart van mensen. Het zijn geen leuke teksten. In Romeinen 3 lees ik dat er niemand goed doet. Dat is een ernstig verwijt en bekering en het aannemen van het verlossingswerk van Christus, zijn dus heel hard nodig.

Mattheus 15: 19 Want uit het hart komen voort kwaadaardige overwegingen, alle moord, overspel, ontucht, diefstal, valse getuigenissen, lasteringen. Markus 7: 21, 22 21 Want van binnenuit, uit het hart van de mensen, komen voort kwade overwegingen, alle overspel, ontucht, moord, 22 diefstal, hebzucht, allerlei kwaadaardigheid, bedrog, losbandigheid, afgunst, lastering, hoogmoed, dwaasheid;


Romeinen 3: 11 – 18 10 zoals geschreven staat: Er is niemand rechtvaardig, ook niet één, 11 er is niemand die verstandig is, er is niemand die God zoekt. 12 Allen zijn zij afgedwaald, samen zijn zij nutteloos geworden. Er is niemand die goed doet, er is er zelfs niet één. 13 Hun keel is een open graf, met hun tong plegen zij bedrog, addergif is onder hun lippen. 14 Hun mond is vol vervloeking en bitterheid, 15 hun voeten zijn snel om bloed te vergieten. 16 Vernieling en ellende is op hun wegen, 17 en de weg van de vrede hebben zij niet gekend. 18 De vreze Gods staat hun niet voor ogen.

Daarom is het des te verwonderlijk dat ik in de Efeze 1 mag lezen dat er IN Christus geen oordeel en verwijt is maar zegen, al voor de grondlegging der wereld. Wat een genade in deze genade bedeling.

Efeze 1: 3 – 5, 7 3 Gezegend zij de God en Vader van onze Heere Jezus Christus, Die ons gezegend heeft met alle geestelijke zegen in de hemelse gewesten in Christus, 4 omdat Hij ons vóór de grondlegging van de wereld in Hem uitverkoren heeft, opdat wij heilig en smetteloos voor Hem zouden zijn in de liefde. 5 Hij heeft ons voorbestemd om als Zijn kinderen aangenomen te worden, door Jezus Christus, in Zichzelf, overeenkomstig het welbehagen van Zijn wil, 7 In Hem hebben wij de verlossing, door Zijn bloed, namelijk de vergeving van de overtredingen, overeenkomstig de rijkdom van Zijn genade,

Omdat de oordelen van de bazuinen en de schalen, die door zeven engelen worden uitgevoerd, veel overeenkomsten laten zien heb ik ze hieronder in een schema gezet. Het is in ieder geval voor mij zo wat overzichtelijker geworden.

Openbaring 8, 9 – 11 Bazuinen. Gedeeltelijke openbaring van toorn: Openbaring 16 Schalen. Volledige openbaring van toorn:
8: 7
eerste bazuin
Op de aarde vuur en bloed 3e deel bomen en gras verbrand. 16: 2
eerste schaal
Op de aarde kwaadaardige gezwellen aan hen die het beest aanbidden.
8: 8,9
tweede bazuin
Op de zee wordt 3e deel bloed. 3e deel schepselen sterft. 3e deel schepen vernietigd. 16: 3
tweede schaal
Op de zee, wordt als bloed. Alle levende wezens sterven.
8: 10, 11
derde bazuin
Op de rivieren en waterbronnen. 3e deel aangetast. 3e deel alsum. 16: 4
derde schaal
Op de rivieren en waterbronnen. Alles aangetast. Het wordt bloed.
8: 12
vierde bazuin
Op de zon maan en sterren. 3e deel aangetast en 3e deel van dag en nacht. 16: 8
vierde schaal
Op de zon. Mensen verzeng door vuur.
9: 1 – 12
vijfde bazuin
Eerste wee. De afgrond geopend. Duisternis. Mensen 5 mnd. gepijnigd. Apollyon. Abaddon. 16: 10, 11
vijfde schaal
De troon van het beest. Duisternis. Mensen kauwen op hun tong van de pijn.
9: 13 – 11: 14
zesde bazuin
Tweede wee. De rivier de Eufraat. De vier engelen los. Ruiterij. 3e deel mensen gedood. 16: 12 – 14, 19
zesde schaal
De rivier de Eufraat droogt op. De weg voor koningen uit Oosten bereid. 3 geesten als kikvorsen. Harmagedon.
Vanaf 11: 15
zevende bazuin
Derde wee. Stemmen klinken. Koningschap van Christus. 16: 17
zevende schaal
In de lucht. Stem zegt: “Het is geschied”.


zaterdag 27 januari 2018

Jeruzalem

Jeruzalem.

In december 2017 heeft president Trump besloten om Jeruzalem als hoofdstad van Israël te aanvaarden en ondertussen hebben nog enkele landen dit gedaan. Dit wordt door veel andere landen niet gewaardeerd. Voor christenen staat het buiten kijf. Jeruzalem is Gods stad en de Israëlieten zijn Gods land volk. En dus zou Nederland unaniem ook voor moeten stemmen.

Maar vind ik dat nu ook? Ergens meen ik te voelen dat het niet klopt. O, zeker geloof ik dat Israël Gods volk is en dat er een nieuw Jeruzalem zal komen, zoals beschreven staat in Openbaring 21: 2. En natuurlijk kan ik Jeruzalem de vrede toewensen. Maar God zal Israël zijn land en stad geven op Zijn tijd. Hij heeft daar geen hulp van Trump of anderen voor nodig. Bovendien denk ik dat het nu nog niet de tijd is, voor gelovigen, om het land en de stad voor Israël te claimen, zonder dat de Israëlieten, als volk, tot bekering en berouw zijn gekomen. Doch ik kan dit mis hebben. Zeker is het wenselijk dat ieder land een eigen gebied en hoofdstad heeft. Ook Israël en de Palestijnen. Maar het lijkt erop dat dit niet door mensen op een goede manier tot een oplossing gebracht zal kunnen worden. Tevens is er veel haat tegen de bewoners van Israël en Jeruzalem. Het pijnlijke daarvan is dat dit is voorzegd in Gods Woord. In Zacharia 12 wordt zowel de verdrukking en strijd als de hoop beschreven.




Zacharia 12: 2a, 3, 8a, 9, 10a 2a Zie, Ik ga Jeruzalem maken tot een bedwelmende beker voor alle volken rondom, 3 Op die dag zal het gebeuren dat Ik Jeruzalem zal maken tot een steen die moeilijk te tillen is voor al de volken. Allen die hem optillen, zullen zichzelf zeker diepe sneden toebrengen, en al de volken van de aarde zullen zich tegen haar verzamelen. 8a Op die dag zal de HEERE de inwoners van Jeruzalem beschermen. 9 Op die dag zal het gebeuren dat Ik alle heiden volken die tegen Jeruzalem oprukken, zal willen wegvagen. 10a Maar over het huis van David en over de inwoners van Jeruzalem zal Ik de Geest van de genade en van de gebeden uitstorten. Zij zullen Mij aanschouwen, Die zij doorstoken hebben.

Ik vind dat we in een spannend tijdperk leven. Wat kan en mag mijn houding zijn ten opzichte van deze grote wereld problematiek? Als mogelijk antwoord enkele teksten:

Mattheus 6: 9, 10 9 Onze Vader, Die in de hemelen zijt. Uw Naam worde geheiligd. 10 Uw Koninkrijk kome. Uw wil geschiede, zoals in de hemel zo ook op de aarde.
Filippenzen 4: 6 Wees in geen ding bezorgd, maar laat uw verlangens in alles, door bidden en smeken, met dankzegging bekend worden bij God.
1 Timoteüs 2: 1 – 4 1 Ik roep er dan vóór alles toe op dat smekingen, gebeden, voorbeden en dankzeggingen gedaan worden voor alle mensen, 2 voor koningen en allen die hooggeplaatst zijn, opdat wij een rustig en stil leven zullen leiden, in alle godsvrucht en waardigheid. 3 Want dat is goed en welgevallig in de ogen van God, onze Zaligmaker, 4 Die wil dat alle mensen zalig worden en tot kennis van de waarheid komen.


Ondertussen is mijn studie over Openbaring 8 af. In die studie gaat het in vers 1 over de opening van het zevende zegel met daarna een stilte in de hemel. In vers 2 over het optreden van de 'andere' engel met reukwerk voor God en oordelen. Daarna wordt mij vanaf vers 7 een 2e Blik op de aarde gegund. Vanaf vers 7 treden de eerste vier engelen met bazuinen op en in vers 13 lees ik over de aankondiging van de drie weeën. Het zijn allemaal nog te verwachten 'zware' gebeurtenissen. 

maandag 1 januari 2018

Nieuwjaar.

Allereerst wil ik mijn lezers een gezegend 2018 toe wensen.


Voor mij ligt een nieuw jaar met kansen, uitdagingen, zorgen en (wereld) problemen.
Ik las een artikel van Dirk van Genderen waarin hij onder anderen schrijft: “De beslissende vraag is: Zijn wij bereid Gods Woord voor 100 procent te accepteren als gezaghebbend of proberen wij de Bijbel aan te passen aan de praktijk en aan de wetenschap? Meer en meer gebeurt dit laatste. Dan laten we de Bijbel zeggen wat wij willen en dan leggen we God het zwijgen op!

Dirk vraagt om verootmoediging, want er is veel om zorgen over te maken. Dat ben ik helemaal met hem eens. In die zin raakt zijn artikel mij. Maar ik heb bovendien nog zo mijn eigen verootmoedigingen. Soms wordt ik droevig over de uitleg van de Bijbel. Alleen al in het stuk en de reacties van Dirk kom ik drie dingen (hel, opname, de tien geboden) tegen waarvan ik denk dat het anders uitgelegd mag worden. De vraag is dus welke aanpassing, in het heden maar ook al in het verleden, de Bijbel het zwijgen oplegt of heeft opgelegd!

In Visie 29/30 las ik: “Steeds meer mensen concluderen dat je met de Bijbel alle kanten op kunt en daar dus niet zoveel aan hebt”. Tja, dat is het gevolg van al die verschillende uitleggingen, een ongeloofwaardige Bijbel. Dat gevoel ken ik van 15 jaar terug.

In Visie 37 staat een interview met Tony en Bart Campelo. Daarin vertelt zoon Bart dat hij niet meer kan geloven in het hiernamaals en dat zijn geloof gestorven is aan gebeden zonder antwoord. Als ik dat lees dan vraag ik mij af hoe alles zou zijn gegaan als wij, gelovigen uit de volkeren, onze plaats en verantwoordelijkheid goed begrepen hadden. Zou er dan ook zo veel verwarring en teleurstelling zijn geweest?                                  

Maar het is niet zo gegaan. En natuurlijk schiet ik als christen te kort. Moet ik niet veel meer bidden? Moet ik niet meer over Christus praten? En zo ja, hoe dan? Ik heb veel gehad aan een preek met nagesprek, op 22 oktober waarin o.a. Openbaring 14: 7 aangehaald werd. Ik mag het 'eeuwig evangelie' uitdragen. Ik mag God als Schepper eren. Als mensen daar positief op reageren kan ik er verder op ingaan. Zo niet, dan mag ik het loslaten en overgeven aan God. Ik zie dat als een uitdaging voor dit nieuwe jaar!

Openbaring 14: 6, 7 6 En ik zag een andere engel, die hoog aan de hemel vloog. En hij had het eeuwige Evangelie, om dat te verkondigen aan hen die op de aarde wonen, en aan elke natie, stam, taal en volk. 7 En hij zei met een luide stem: Vrees God en geef Hem eer, want het uur van Zijn oordeel is gekomen. En aanbid Hem Die de hemel, de aarde, de zee en de waterbronnen gemaakt heeft.


woensdag 13 december 2017

ADVENT EN OPENBARING

ADVENT en OPENBARING. 

Allereerst wil ik de lezers van mijn blog een paar mooie kerstdagen toewensen.



In deze tijd zijn de kerken bezig met 'advent'. Op de site “Visie.EO” lees ik over de betekenis van advent.

'Advent’ is afgeleid van het Latijnse woord adventus, dat ‘komst’ betekent. Met advent leven christenen namelijk toe naar het kerstfeest: het feest van Jezus' komst naar deze wereld als klein kind in een kribbe.
Advent begint vier zondagen voor kerst. In veel kerken wordt elke week een adventskaars aangestoken. Dat symboliseert dat we steeds iets dichter naderen tot Kerst, het feest van het Licht.
Minder bekend, maar minstens even belangrijk, is dat de adventstijd ons ook wil richten op de nog te verwachten komst van Christus: Zijn wederkomst. Ook dat is altijd een belangrijk onderdeel geweest van de adventsverkondiging.

Dat laatste wil ik benadrukken. Dit mede omdat de geboorte van Christus niet als feest voorkomt in Gods Woord. Wanneer kerken begonnen zijn met 'advent' lees ik op de site van het Reformatorisch Dagblad. Er staat:

Geschiedenis – Sinds wanneer advent wordt gehouden, is onduidelijk. Er zijn bronnen bekend uit de vijfde eeuw die erop wijzen dat er in de periode voor Kerst preken werden gehouden over de voorzegging van de geboorte van Jezus door de engel Gabriël aan Maria. Het concilie van Efeze in 431 gaf opdracht om preken rond dat thema te houden in de periode voorafgaand aan Kerst. Bisschop Gregorius van Tours (circa 538-594) was de eerste die advent noemt. Hij schreef in een boek dat Perpetus, een van zijn voorgangers, rond 480 een vastentijd voorafgaand aan Kerst had ingesteld. De vastentijd begon op de dag van Sint-Maarten, 11 november. Het is uit de tekst niet duidelijk op te maken of dit de instelling van iets nieuws of de bekrachtiging van een bestaand gebruik behelst. De adventstijd varieerde qua lengte. Het was mogelijk Gregorius I de Grote (paus van 590-604) die de adventsperiode vaststelde op vier weken. De oudste bron die echt iets zegt over een adventsperiode van vier weken is een brief van paus Nicolaas I (820-867) aan de Bulgaren.

Wederkomst – De kerk overdacht door de eeuwen heen tijdens de adventsperiode niet alleen de komst van Christus in het vlees, maar ook Zijn wederkomst op de wolken op de jongste dag. Dat aspect krijgt anno 2010 vrijwel geen aandacht tijdens advent. De wederkomst is vaak onderdeel van de preek op oudejaarsdag.

Er is zeker niks mis mee om met de kerstdagen te denken aan de geboorte van de Here Jezus. Alhoewel ik me sowieso de laatste tijd meer richt op de wederkomst van Christus, ondanks dat dit laatste blijkbaar meer bij oudejaarsdag hoort. In het boek Openbaring, wat ik aan het bestuderen ben, is de wederkomst van Christus, als Koning, een belangrijk onderwerp:

Openbaring 1: 7 Zie, Hij komt met de wolken, en elk oog zal Hem zien, ook zij die Hem doorstoken hebben. En alle stammen van de aarde zullen rouw over Hem bedrijven. Ja, amen.

Openbaring 11: 15, 17 11 En de zevende engel blies op de bazuin, en er klonken luide stemmen in de hemel, die zeiden: De koninkrijken van de wereld zijn van onze Heere en van Zijn Christus geworden, en Hij zal Koning zijn in alle eeuwigheid. 17 en zeiden: Wij danken U, Heere, God de Almachtige, Die is en Die was en Die komt, omdat U Uw grote kracht ter hand hebt genomen en Koning geworden bent.

Openbaring 15: 3 En zij zongen het lied van Mozes, de dienstknecht van God, en het lied van het Lam, met de woorden: Groot en wonderbaarlijk zijn Uw werken, Heere, almachtige God; rechtvaardig en waarachtig zijn Uw wegen, Koning van de heiligen!

Openbaring 19: 6, 16 6 En ik hoorde zoiets als een geluid van een grote menigte en als een gedruis van vele wateren en een geluid als van zware donderslagen: Halleluja, want de Heere, de almachtige God, is Koning geworden. 16 Er stond op Zijn bovenkleed en op Zijn dij deze naam geschreven: Koning der koningen en Heere der heren.

Openbaring 22: 7, 12, 17, 20 7 En zie, Ik kom spoedig. Zalig is hij die de woorden van de profetie van dit boek in acht neemt. 12 En zie, Ik kom spoedig en Mijn loon is bij Mij om aan ieder te vergelden zoals zijn werk zal zijn. 17 En de Geest en de bruid zeggen: Kom! En laat hij die het hoort, zeggen: Kom! En laat hij die dorst heeft, komen; en laat hij die wil, het water des levens nemen, voor niets. 20 Hij Die van deze dingen getuigt, zegt: Ja, Ik kom spoedig. Amen. Ja, kom, Heere Jezus!

Vaak wordt het woord 'Maranatha' gebruikt als gelovigen spreken over de komst van Christus. Nu las ik hier iets merkwaardigs over op de site “Christipedia”: “'Maranatha' (Gr. μαραν αθα ma’ran a’tha) is van Aramese oorsprong. De juiste betekenis van de uitdrukking is niet zeker: 'Onze Heer, kom!' of 'Onze Heer is gekomen'. Het woord komt in de Bijbel alleen voor in 1 Cor. 16: 22.

1 Korinthe 16:22 Als iemand de Heere Jezus Christus niet liefheeft, laat die vervloekt zijn. Maranatha!

In de grondtekst staat: Indien iemand niet veel houdt van de Heer, laat hem zijn! Banvloek Maran atha.
Banvloek is in het Grieks: anathema.
Maran atha is in het Grieks: maran atha

Maran atha is dus niet vertaald in mijn Bijbel. En volgens de site Christipedia” is 'maran atha' dus een Aramees woord. In de grondtekst wordt het vertaald met: gedoemd jij bent!!! Het lijkt dus wel een dubbele vloek, namelijk 'anathema maran atha' wat vertaald kan worden met: 'Laat die vervloekt zijn. Gedoemd ben jij'. 
Ik weet niet zeker of ik dit woord 'maranatha' nog wel wil gebruiken.

Ondertussen is mijn studie over Openbaring 7 af.

Als je nog meer wil lezen over kerst dan kan dat op de volgende blogs:
2014 2015 2016

Aanvulling op 30 - 12 - 2017.
Aangezien er enkele reacties zijn gekomen op het woord 'maranatha' heb ik daar nog eens wat verder onderzoek naar gedaan. Ik vind het behoorlijk ingewikkeld en verwarrend. Ik citeer twee sites.

1. Op de site “Het Zoeklicht” vond ik over 'maranatha':

Betekenis 'maranatha'.
In de Bijbel komen we het woord alleen tegen in 1 Korintiërs 16:22, ‘Als iemand de Heere Jezus Christus niet liefheeft, laat die vervloekt zijn. Maranatha!’
Er zijn drie varianten waarmee het woord verklaard kan worden.
De eerste lezing is mãrãn’ ãtã (onze Heer is gekomen of is aanwezig).
De tweede lezing is mãrãnã’ ta (onze Heer kom!).
Beide leeswijzen zijn mogelijk. Tegenwoordig gaat de voorkeur uit naar de tweede lezing, dan is dit woord een bede van hoop en verwachting.
Men kan het deel ãtã ook als een profetisch perfectum beschouwen, dan krijgt het woord nog weer een andere betekenis, namelijk ‘de Here zal zeker komen’.
Opvallend is dat het in 1 Korintiërs 16:22 om een vervloeking en een ernstige waarschuwing gaat. Pas op, je bent gewaarschuwd, de Here zal zeker komen! In onze tijd is dat waarschuwende element sterk naar de achtergrond verschoven en is het accent op de hoop op de komst van de Heer komen te liggen.”

2. Op de site “Goed bericht” vond ik over 'maranatha':

1Korinthe 16:22 – anathema, maranatha
08-04-2017 - Geplaatst door Andre Piet
Indien iemand niet houdt van de Heer, laat hem zijn anathema, maranatha. De genade van de Heer Jezus zij met jullie.

Anathema is een banvloek. Maranatha trouwens ook. Het eerste is Grieks, het tweede Hebreeuws (mara = vloek, ata = jij bent; vergl. Mal.3:9). Paulus is niet kwistig met het uitspreken van zulke zulke termen. Hij spreekt zijn anathema uit over degenen die aan de Galaten een evangelie verkondigden, afwijkend van wat hijzelf hen had verkondigd (1:8,9). Aan degenen die hen van de genade van Christus afbrengen, tot een ‘evangelie’ dat geen evangelie is. Zij die in naam van het Evangelie, de genade teniet doen.
Paulus spreekt zijn anathema niet uit over niet-gelovigen in het algemeen. Hij schrijft aan wie belijden gelovigen in Christus te zijn. Ook in 1Korinthe 16 blijkt “de genade” in het geding. Vandaar: “De genade van de Heer Jezus zij met jullie”.
Het evangelie of goede bericht staat of valt met Gods genade. Zoals Paulus schrijft in Romeinen 3: “Want allen zondigden, en komen tekort van Gods heerlijkheid en worden om niet gerechtvaardigd, in de genade van Hem…”. Leest u het goed? “Allen… om niet”. Het is zwart of wit. Zonder deze genade is de boodschap(per) anathema.”

Volgens mijn “Interlineair Scripture” is:
'Vervloeking' in het Hebreeuws:      e·marrim.
'Vervloekt' in het Hebreeuws:         narim.
'Gedoemd, banvloek' in het Grieks: anathema
'Vervloekt' in het Grieks:                maran

In de Nederlandse “Darby Vertaling” (H. Medema Apeldoorn 1966) staat: “Maranatha wil zeggen: de Heer komt (of kome) en zoals uit het verband blijkt: de Heer komt (of kome) om te oordelen, om dan het 'anathema', het 'vervloekt' uit te spreken over allen die hem niet hebben liefgehad.”

Op de site “Goed bericht” lees ik ook over 'anathema'. Alleen lijkt het alsof men daar een fout heeft gemaakt door te schrijven dat 'maran atha' Hebreeuws is in plaats van Aramees. Maar hun vertaling (mara = vloek, ata = jij bent) komt uit de Griekse grondtekst.

Het lijkt of mijn conclusie juist is dat het een dubbele vloek is ondanks de reacties die ik kreeg en de uitleg op de site van “Het Zoeklicht”.  

dinsdag 14 november 2017

OPENBARING 6

Openbaring 6.

Het openen van de zegels.

Mijn studie over Openbaring 6 is klaar. Het was weer een hele klus, maar langzamerhand mag ik iets gaan begrijpen van dit wonderlijke boek. In dit blog deel ik vast een klein gedeelte van deze studie.

In Openbaring 5: 6 - 9 is er vreugde in de hemel omdat de boekrol kan worden
geopend. Daarna worden in Openbaring 6 zes zegels door het Lam geopend. Dit geeft bepaald geen vreugde maar zal veel ellende te weeg brengen. In de studie van Sebastiaan de Groot lees ik waarom de zegels geopend moeten worden. Het heeft te maken met het bezit van de aarde. Toen God Adam schiep zei Hij in:

Genesis 1: 28 En God zegende hen en God zei tegen hen: Wees vruchtbaar, word talrijk, vervul de aarde en onderwerp haar, en heers over de vissen van de zee, over de vogels in de lucht en over al de dieren die over de aarde kruipen!

De heerschappij over de aarde lag in handen van mensen. Maar satan heeft de mensen verleid en zij/wij zijn gevallen voor deze verleiding. Zodoende ligt de heerschappij nu in handen van satan:

Romeinen 8: 20 Want de schepping is aan de zinloosheid onderworpen, niet vrijwillig, maar door hem die haar daaraan onderworpen heeft,
Efeze 2: 2a waarin u voorheen gewandeld hebt, overeenkomstig het tijdperk van deze wereld, overeenkomstig de wil van de aanvoerder van de macht in de lucht, van de geest die nu werkzaam is in de kinderen van de ongehoorzaamheid,
1 Johannes 5: 19 Wij weten dat de hele wereld in het boze ligt.

In Daniël 12: 4 was het nog niet de tijd om de satan te verslaan en werd de boekrol verzegeld. Maar nu Christus, als Lam de overwinning heeft behaald krijgt Hij in de toekomst het bezit over de aarde terug en zal Hij Koning worden. De wereld ligt nog in handen van satan en moet verlost worden voordat Christus als de wettige erfgenaam kan gaan heersen. Die verlossing zorgt voor oorlog welke wordt beschreven in de zeven zegels, bazuinen en schalen. In Openbaring 20: 10 lees ik van de overwinning over satan.

Openb.20: 10 En de duivel, die hen misleidde, werd in de poel van vuur en zwavel geworpen, waar ook het beest en de valse profeet reeds zijn. En zij zullen dag en nacht gepijnigd worden in alle eeuwigheid.

Maar die overwinning is er nog niet. Satan en zijn demonen bevinden zich nu nog in onze atmosfeer, de hemelse gewesten, zo hoorde ik zondag 5 november in de preek. Vandaar Efeze 6.

Efeze 6: 12 Want wij hebben de strijd niet tegen vlees en bloed, maar tegen de overheden, tegen de machten, tegen de wereldbeheersers van de duisternis van dit tijdperk, tegen de geestelijke machten van het kwaad in de hemelse gewesten.

God en Christus hebben gelukkig hun woonplaats boven in de hemelse gewesten. Daar kan satan niet meer komen al wil hij dit wel heel graag. Hij wil nog steeds aan God gelijk worden: Jesaja 14: 12 – 14 12 Hoe bent u uit de hemel gevallen, morgenster, zoon van de dageraad! U ligt geveld op de aarde, overwinnaar over de heidenvolken! 13 En zei in uw hart: Ik zal opstijgen naar de hemel; tot boven Gods sterren zal ik mijn troon verheffen, ik zal zetelen op de berg van de ontmoeting aan de noordzijde. 14 Ik zal opstijgen boven de wolkenhoogten, ik zal mij gelijkstellen met de Allerhoogste.

De uitwerking van die strijd in de hemelse gewesten zie ik als ik naar het nieuws kijk. En soms hebben ik er persoonlijk mee te maken door omstandigheden of ziekte. Waarschijnlijk heb ik geen idee van de grootheid van deze machten.
Toch zijn er zijn lichtpuntjes. Zo vertelde onze oudste kleinzoon van 14 jaar ons, ergens in juli, dat hij was gestopt met gamen. Gamen is niet zomaar wat leuke spelletjes spelen. Nee dat zijn afschuwelijke spellen. Onze kleinzoon vertelde dit zo terloops met de toevoeging dat het nu wat gezelliger is thuis en dat het ook beter op school gaat. Ik ben er heel erg blij mee. Het is alvast een kleine overwinning over satan. Gamen heeft plaats gemaakt voor wielrennen. En tot nu toe is hij standvastig, maar de strijd is merkbaar. Ik hoop en bid dat nog veel jeugd, maar mogelijk ook volwassenen, dit voorbeeld zullen volgen.

Ik wil dit stukje besluiten met, althans voor mij, de de enorm bemoedigende woorden uit:

Efeze 2: 1 – 8 1 Ook u heeft Hij met Hem levend gemaakt, u die dood was door de overtredingen en de zonden, 2 waarin u voorheen gewandeld hebt, overeenkomstig het tijdperk van deze wereld, overeenkomstig de wil van de aanvoerder van de macht in de lucht, van de geest die nu werkzaam is in de kinderen van de ongehoorzaamheid, 3 onder wie ook wij allen voorheen verkeerden, in de begeerten van ons vlees, door de wil van het vlees en de gedachten te doen; en wij waren van nature kinderen des toorns, evenals de anderen. 4 Maar God, Die rijk is in barmhartigheid, heeft ons door Zijn grote liefde, waarmee Hij ons liefgehad heeft, 5 ook toen wij dood waren door de overtredingen, met Christus levend gemaakt uit genade bent u zalig geworden 6 en heeft ons met Hem opgewekt en met Hem in de hemelse gewesten gezet in Christus Jezus, 7 opdat Hij in de komende eeuwen de allesovertreffende rijkdom van Zijn genade zou bewijzen, door de goedertierenheid over ons in Christus Jezus. 8 Want uit genade bent u zalig geworden, door het geloof, en dat niet uit u, het is de gave van God;


zaterdag 28 oktober 2017

Het plan van God.


Het plan van God voor ons leven. 

Heeft God een persoonlijk plan met iedere gelovige? Dat is wel wat ik veel tegenkom in tijdschriften. Op mijn computer zocht ik naar: “Gods plan met jouw leven” en ik kreeg een scala aan adviezen en voorbeelden met termen zoals: 'God roept je', 'met mijn God spring ik over een muur', 'God heeft grote plannen met jou leven', 'zoek het plan van God voor je leven' en 'God heeft je gaven en talenten gegeven om te gebruiken'. 

Aha, zou het Gods plan zijn geweest dat ik blog en Bijbelstudies publiceer? Eerlijk gezegd kan ik dat niet geloven. Ik vind het nuttig en leuk om te doen. Het helpt mij om de Bijbel beter te begrijpen. Misschien zou ik toch kunnen zeggen dat God mij die gave gegeven heeft ware het niet dat dit mij verwaand in mijn oren klinkt. Of is dat God de eer geven?

Ik heb gehoord van mensen die de zending ingingen, in opdracht van God meenden ze (soms gestuurd door een 'profetie') terwijl alles mis liep. Het gevolg was een geloofscrisis. Hier word ik verdrietig van. Natuurlijk is het goed om het evangelie te vertellen. Maar de omstandigheden kunnen weerbarstig zijn. Ik geloof dat ik mijn, van God gekregen verstand, mag gebruiken en op weg mag gaan. En als ik mij voed met Gods Woord, dan maakt het niet uit of ik linksom of rechtsom ga. Deze gedachte wordt mooi beschreven op de site van Rutger Heij



Toch, nu ik in Openbaring bezig ben zie ik duidelijk een plan van God in dat boek. Ja, zelfs in de gehele Bijbel. De basis van dit plan lees ik in: 

2 Petrus 3: 9 De Heere vertraagt de belofte niet (zoals sommigen dat als traagheid beschouwen), maar Hij heeft geduld met ons en wil niet dat enigen verloren gaan, maar dat allen tot bekering komen.

God wil dat allen behouden worden. Helaas zijn middelen, zoals beschreven in Openbaring, nodig om tot dit doel te komen. Als ik dat niet goed begrijp dan kan het zomaar zijn dat ik tot de conclusie kom dat God niet bestaat omdat ik alleen maar ellende zie. Het vervolg van dit plan vind ik in Openbaring 14: 6 en 7 waar mensen opgeroepen worden om God te vertrouwen en Hem te eren. Dit mag gebeuren met vrees oftewel eerbied en ontzag.

Openbaring 14: 6, 7 6 En ik zag een andere engel, die hoog aan de hemel vloog. En hij had het eeuwige Evangelie, om dat te verkondigen aan hen die op de aarde wonen, en aan elke natie, stam, taal en volk. 7 En hij zei met een luide stem: Vrees God en geef Hem eer, want het uur van Zijn oordeel is gekomen. En aanbid Hem Die de hemel, de aarde, de zee en de waterbronnen gemaakt heeft.

Verder geloof ik dat het plan van God voor Zijn Lichaam, de Gemeente van Christus, onder anderen te lezen is in:

Efeze 1: 3 – 5, 7  3 Gezegend zij de God en Vader van onze Heere Jezus Christus, Die ons gezegend heeft met alle geestelijke zegen in de hemelse gewesten in Christus, 4 omdat Hij ons vóór de grondlegging van de wereld in Hem uitverkoren heeft, opdat wij heilig en smetteloos voor Hem zouden zijn in de liefde. 5 Hij heeft ons voorbestemd om als Zijn kinderen aangenomen te worden, door Jezus Christus, in Zichzelf, overeenkomstig het welbehagen van Zijn wil, 7 In Hem hebben wij de verlossing, door Zijn bloed, namelijk de vergeving van de overtredingen, overeenkomstig de rijkdom van Zijn genade,

Nadat ik God aanvaard heb als Schepper van Hemel en aarde mag ik weten en aanvaarden dat God IN Christus mij verlost heeft van mijn zonden door het bloed van Christus. Daarna heeft God mij IN Christus gezegend met alle geestelijke zegeningen. 

Is het niet wonderlijk dat God dit plan met mij en met alle mensen al had voordat God de wereld geschapen heeft? Ik kan dit niet begrijpen, maar mag dit aanvaarden, geloven. Wat een hoopvolle boodschap voor iedere gelovige of je nu de zending ingaat, thuis in het gezin bent, werkt, Bijbelstudie geeft of aan hoort, voorganger bent of stukjes schrijft. 

Met dit plan van God kan ik voor de dag komen.