Welkom op mijn blog.

Welkom op mijn blog. In 2014 ben ik begonnen met bloggen. Het maken van Bijbelstudies is voor mij belangrijk. Alleen horen en lezen beklijft niet. Het begrijpen gaat het beste door in het onderwerp te duiken en het op te schrijven. Ik besloot om het bestudeerde niet voor mezelf te houden maar te delen. De studies staan allemaal rechts op dit blog. Ze gaan over Bijbelse onderwerpen die mij aanspreken.

Verder probeer ik elke maand een blog te plaatsen. Zo'n stukje schrijf ik in eerste instantie voor het blad van de kerkelijke gemeenschap waar ik neer toe ga. Als het daar is verschenen deel ik het hier. Zo vang ik twee vliegen in één klap. De onderwerpen zijn uit Gods Woord, tijdschriften of gaan over persoonlijke gebeurtenissen en ervaringen. Ik nodig je uit om rond te snuffelen in mijn studies en je voordeel er mee te doen. Je mag ze gerust kopiëren of delen maar dan wel graag met vermelding van de bron. Succes met studeren. Het staat je vrij om te reageren.


woensdag 18 april 2018

OPENBARING 11


Openbaring en hemelvaart.

Openbaring 11: 12 En zij hoorden een luide stem uit de hemel tegen hen zeggen: Kom hier omhoog. En zij gingen omhoog naar de hemel, in de wolk, en hun vijanden keken hen na.

Hoe het met de hemelvaart van de twee getuigen afloopt kun je lezen in mijn studie over Openbaring 11. Deze hemelvaart doet mij uiteraard denken aan de hemelvaart van de Here Jezus.

Twee hemelvaarten.

Ik herinner mij een preek van vorig jaar (30-4-2107) waarin werd gezegd dat er eigenlijk 'twee hemelvaarten' zijn. De bekende hemelvaart, waar wij op Hemelvaartsdag bij stil staan, staat beschreven in Lukas 24: 51 en Handelingen 1: 9. Dit is dan de '2e hemelvaart'.

Lukas 24: 51 En het geschiedde, terwijl Hij hen zegende, dat Hij Zich van hen verwijderde. En Hij werd opgenomen in de hemel
Handelingen 1: 9 En nadat Hij dit gezegd had, werd Hij opgenomen terwijl zij het zagen, en een wolk onttrok Hem aan hun ogen.

Hij werd opgenomen: Grondtekst in Lukas:          hij-werd-omhoog-gebracht
Werd hij opgenomen: Grondtekst in Handelingen: hij-werd-omhoog-geheven.

Hier wordt, zowel in de teksten van de Herziene Statenvertaling als in de grondtekst, niet over een hemelvaart gesproken. Wat wij hemelvaart noemen is een 'opgenomen worden' of zoals de grondtekst schrijft, een omhoog gebracht/geheven worden.

Interessant is dat in de grondtekst van beide teksten ongeveer hetzelfde staat. Deze teksten hebben iets met elkaar te maken. Het lijkt erop dat de Heer door een buitenstaande kracht omhoog ging. Zo hebben de discipelen het gezien. Het is duidelijk dat Christus toen echt weg was en Zich voorlopig ook niet meer aan de discipelen zou vertonen. Hij zal pas weer zichtbaar terug komen als Israël Hem als Messias zal hebben aanvaard.

De '1e hemelvaart' staat in:

Johannes 20: 16 – 18 16 Jezus zei tegen haar: Maria! Zij keerde zich om en zei tegen Hem: Rabboeni; dat betekent: Meester. 17 Jezus zei tegen haar: Houd Mij niet vast, want Ik ben nog niet opgevaren naar Mijn Vader, maar ga naar Mijn broeders en zeg tegen hen: Ik vaar op naar Mijn Vader en uw Vader, en naar Mijn God en uw God. 18 Maria Magdalena ging en berichtte de discipelen dat zij de Heere gezien had en dat Hij dit tegen haar gezegd had.

In de Grondtekst staat: 
Ik ben nog niet opgevaren: nog-niet ik-ben-omhoog-gegaan
Ik vaar op:                        ik-ga-omhoog.

Het lijkt erop dat de Here Jezus hier Zelf de kracht had om omhoog te gaan, door de lucht. Net zoals Hij zegt in: 
Lukas 32: 46 In Uw handen beveel ik mijn geest. Vergelijk Johannes 20: 17 met Lukas 24: 51 en Handelingen 1: 9.

Maria mocht de Here Jezus nog niet vasthouden omdat? 

1. Zij mee had geholpen met het afleggen van de Hem en volgens de wet onrein was door het aanraken van een dode; Numeri 19: 16.

2. De Here Jezus nog niet opgevaren was. Thomas mocht Hem acht dagen later de wel aanraken lees ik in Johannes 20: 26 en 27. Dat kon dus omdat de Here Jezus toen opgevaren en weer teruggekeerd was. Johannes 20: 26, 27 26 En na acht dagen waren Zijn discipelen weer binnen en Thomas was bij hen. Jezus kwam terwijl de deuren gesloten waren, en Hij stond in hun midden en zei: Vrede zij u. 27 Daarna zei Hij tegen Thomas: Kom hier met uw vinger en bekijk Mijn handen, en kom hier met uw hand en steek die in Mijn zij; en wees niet ongelovig, maar gelovig.

3. De Here Jezus het eenmalige offer van Zijn bloed persoonlijk in Het Heiligdom bij Zijn Vader moest brengen. Daarna verscheen Hij weer op aarde en mocht Hij aangeraakt worden. Ik lees dat in Hebreeën 9: 11 - 28.
Hebreeën 9: 11, 12, 24  11 Maar toen is Christus verschenen, de Hogepriester van de toekomstige heilsgoederen. Hij is door de meerdere en meer volmaakte tabernakel gegaan, die niet met handen is gemaakt, dat is: die niet van deze schepping is. 12 Hij is niet door bloed van bokken en kalveren, maar door Zijn eigen bloed voor eens en altijd binnengegaan in het heiligdom en heeft daardoor een eeuwige verlossing teweeggebracht. 24 Want Christus is niet binnengegaan in het heiligdom dat met handen gemaakt is en dat een tegenbeeld is van het ware, maar in de hemel zelf, om nu voor het aangezicht van God te verschijnen voor ons, 

Deze '1e hemelvaart was een nieuw gezichtspunt voor mij. Ik heb altijd gemeend dat Johannes 20: 17 een toespeling was op de '2e hemelvaart' in Handelingen 1: 9. Wel heb ik mezelf hier nog wat vragen over gesteld. Het resultaat van die zoektocht kun je hieronder lezen.

Waarom moest de Here Jezus direct omhoog gaan naar Zijn Vader? 

Mogelijk geeft Efeze 4: 8a een antwoord op deze vraag. De 1e hemelvaart was nodig omdat de Here Jezus de gevangenis gevangen moest nemen. Daarvan lees ik in:

Efeze 4: 8a Toen Hij opvoer in de hoogte, nam Hij de gevangenis (161) gevangen (162).
Daarom hij-zegt omhoog-gaande tot-in-hoogte hij-neemt-krijgsgevangen (162krijgsgevangenschap(161).
In de “Naardense Bijbel” staat: Daarom heet het: ‘ten hoge opgevaren nam hij gevangen (162de gevangenis'(161).

Ik zie dat de woorden in de grondtekst omgekeerd staan in vergelijking met de HSV. 

Ik vind het 'gevangen nemen van de gevangenis' erg lastig te begrijpen. Ik kijk eerst maar eens in de grondtekst en doe dit met behulp van de 'Strongnummers' zodat ik kan zien welke woorden hetzelfde nummer hebben.

Toen Hij opvoer in de hoogte:  Daarom hij-zegt omhoog-gaande tot-in-hoogte.
Nam Hij de gevangenis (161): krijgsgevangenschap (161).
Gevangen (162):                    hij-neemt-krijgsgevangen (162).

Ondanks dat Efeze 4: 8 lastig te begrijpen is, zie ik een overeenkomst met Johannes 20: 17. In de de Herziene Statenvertaling en in de grondtekst staat in beide teksten 'omhoog gaan of omhoog gaan tot in de hoogte'. Beide teksten hebben dus ook hier iets met elkaar te maken. De Here Jezus voer, door de kracht die Hij bezat, bewust omhoog door de lucht.

Tot nu toe wordt de prediking van een '1e en 2e hemelvaart' bevestigd.

Wat is die gevangenis van Efeze 4: 8?

Om hier antwoord op te geven ga ik naar 1 Petrus 3: 18 – 20. Dat vers maakt iets duidelijk over deze gevangenis en zijn bewoners.

1 Petrus 3: 18b, 19, 20a 18 Hij is wel ter dood gebracht in het vlees, maar levend gemaakt door de Geest, 19 door Wie Hij ook, toen Hij heenging, aan de geesten in de gevangenis gepredikt heeft, 20a namelijk aan hen die voorheen ongehoorzaam waren, toen God in Zijn geduld nog eenmaal wachtte in de dagen van Noach,

In vers 18b lees ik dat Christus dood is geweest en levend gemaakt is door de Geest. In vers 19 heeft Christus, door diezelfde Geest toen Hij heenging, aan de geesten in de gevangenis gepredikt
In de grondtekst staat: 'in welke ook aan-de in cel geesten gegaan-zijnde hij-proclameert'. 
In vers 20 staat wie die geesten zijn namelijk degenen die voorheen, in de dagen van Noach, ongehoorzaam waren.

De gangbare gedachte is dat toen Christus heenging (stierf) Hij aan de doden (met levende zielen) uit Noachs dagen in het dodenrijk/hel het evangelie gepredikt heeft. Dat zou betekenen dat Christus naar beneden ging, naar de graven/hel. Maar dat klopt niet. Er staat dat:

1. Christus 'is gegaan'. Dit lijkt mij hier 'het omhoog gaan tot in de hoogte'. Dit komt overeen met Efeze 4: 8a waar Christus opvoer, in de lucht. 
2. Christus naar de cel of gevangenis (in de hoogte) ging en niet naar het dodenrijk/hel
3. Christus aan geesten die in de cel zijn geproclameerd heeft. Hij heeft iets stellig bekend gemaakt. Proclameren is wat anders dan het evangelie prediken (a)
4. Die geesten in de gevangenis/cel degenen zijn die in de dagen van Noach ongehoorzaam aan God waren. Het waren niet de doden in 'de hel'.

(a) Proclameren is: Afkondigen, Bekendmaken, Openlijk bekend maken, Uitroepen Uitschrijven.
Prediken is: Verkondigen, De godsdienst verkondigen, Een leerrede houden, Leraren, Leren, Preken, Aanzetten tot.

Conclussie.

In Johannes 20: 19 is Christus direct omhoog gevaren naar Zijn Vader. 
Efeze 4: 8a zinspeelt hierop en voegt toe dat Christus, terwijl Hij omhoog voer, de gevangenis gevangen genomen heeft
In 1 Petrus 3: 20a wordt, terwijl Christus omhoog ging, aan de geesten in de gevangenis iets geproclameerd. Deze geesten zijn de ongehoorzamen uit de dagen van Noach. 
De gevangenis van Efeze 4: 8 en 1 Petrus 3: 19 is dus een bijzondere gevangenis. 

Wat is de tartarus? 

Ik lees in 2 Petrus 2: 4 over de tartarus. Deze tartarus verteld mij weer iets over de gevangenis van Efeze 4: 8.

2 Petrus 2: 4 Want als God de engelen die gezondigd hebben, niet gespaard heeft, maar hen in de hel geworpen en overgegeven heeft aan de ketenen van de duisternis om tot het oordeel bewaard te worden;

In de grondtekst staat: 
In de hel geworpen: in de tartarus werpende Grieks: tartarôsas. 
Ketenen:                 in-spelonken 
Van de duisternis:    van donkerheid

Ik zie in 2 Petrus 2: 4 een overeenkomst met 1 Petrus 3: 19 en 20a namelijk:
1. De engelen die gezondigd hebben komen overeen met de geesten in de gevangenis die ongehoorzaam waren
2. Ketenen van de duisternis komt overeen met de gevangenis.

Er staat in de grondtekst tartarus en niet 'hel'. In de NBV is dat rechtstreeks zo vertaald. De “Naardense Bijbel” heeft tartarus vertaald door 'afgrond'. Tartarus komt alleen maar voor in 2 Petrus 2: 4. Ik kan dit begrip dus niet toetsen aan een andere teksten. Dan zal ik het uit de verbanden moeten halen.

In die tartarus zitten engelen die gezondigd hebben aan ketenen gevangen in donkere spelonken. Die engelen lijken mij de geesten in de gevangenis uit 1 Petrus 3: 19.
Ik lees in Efeze 6: 12 een aanvulling op de duisternis in de tartarus. Er worden overheden en machten genoemd. Dit zijn de wereldbeheersers van de duisternis van dit tijdperk. Het zijn de geestelijke machten van het kwaad in de hemelse gewesten. In Efeze 2: 2 staat dat satan de aanvoerder van de macht in de lucht is. Als satan en de demonen de baas in de lucht zijn, dan is het begrijpelijk dat dit een duistere plek is. Dit is ook te merken op aarde.

Efeze 6: 12 Want wij hebben de strijd niet tegen vlees en bloed, maar tegen de overheden, tegen de machten, tegen de wereldbeheersers van de duisternis van dit tijdperk, tegen de geestelijke machten van het kwaad in de hemelse gewesten
Efeze 2: 2 waarin u voorheen gewandeld hebt, overeenkomstig het tijdperk van deze wereld, overeenkomstig de wil van de aanvoerder van de macht in de lucht, van de geest die nu werkzaam is in de kinderen van de ongehoorzaamheid,

Om het plaatje van satan en zijn demonen rond te maken lees ik nog in psalm 104: 4 dat geesten engelen zijn. Bovendien lees ik in Mattheus 8: 28 – 34, Markus 5: 1 – 20 en Lukas 8: 26 – 39 en dat er boze engelen of demonen zijn.

Psalm 104: 4 Hij maakt Zijn engelen tot hulpvaardige geesten, Zijn dienaren tot vlammend vuur
Mattheus 8: 31 De demonen smeekten Hem: Als U ons uitdrijft, sta ons dan toe dat wij in die kudde varkens gaan.

Conclussie.

In Johannes 20: 19 is Christus direct omhoog gevaren naar Zijn Vader. 
Efeze 4: 8a zinspeelt hierop en voegt toe dat Christus, terwijl Hij omhoog voer, de gevangenis gevangen genomen heeft
In 1 Petrus 3: 20a wordt, terwijl Christus omhoog ging, aan de geesten in de gevangenis iets geproclameerd. Deze geesten zijn de ongehoorzamen uit de dagen van Noach. 
De gevangenis van Efeze 4: 8a en 1 Petrus 3: 19 is dus een bijzondere gevangenis. 
In 2 Petrus 2: 4 wordt deze gevangenis de 'tartarus' genoemd. Daar worden satan en zijn machten, de demonen, gevangen gehouden aan ketenen van de duisternis. 
Efeze 6: 12 en Efeze 2: 2 bevestigen deze duisternis in de hemelse gewesten of lucht.

Waarom is satan gevangen in de lucht?

Het wordt nu langzamerhand iets duidelijker. Satan is overste of aanvoerder van de lucht geworden nadat hij van de berg Gods moest verdwijnen in: 

Ezechiël 28: 14 - 17 14 U was een cherub die zijn vleugels beschermend uitspreidt. Daarvoor heb Ik u aangesteld. U was op Gods heilige berg, u wandelde te midden van vurige stenen. 15 Volmaakt was u in uw wegen, vanaf de dag dat u geschapen werd, totdat er ongerechtigheid in u gevonden werd. 16 Door de overvloed van uw handel vulde men uw midden met geweld, en ging u zondigen. Daarom verbande Ik u van de berg van God, en deed Ik u verdwijnen, beschermende cherub, uit het midden van de vurige stenen. 17 Uw hart verheft zich over uw schoonheid; gij hebt uw wijsheid bedorven, vanwege uw glans; Ik heb u op de aarde henengeworpen,

Over satan en zijn mede gevallen engelen is een oordeel geveld. Ze bevinden zich in de lucht van onze aarde en kunnen daar niet meer weg. Zij kunnen niet meer terug naar Gods berg. Voor hen is de lucht een cel of gevangenis. Helaas kunnen ze op aarde nog wel genoeg narigheid aanrichten. Satan en zijn demonen zijn de overheden en machten in de hemelse gewesten. Dus kan ik er van uit gaan dat de krijgsgevangen van Efeze 4: 8a de demonen zijn die gevangen zitten in de lucht in duisternis, in de 'tartarus'.
Deze uitleg vind ik ook in het blad AMEN en in brochure 21 op de site “Levend water

Waarom moest Christus langs de de gevangenis van de demonen gaan?

Christus moest die gevangenis gevangen nemen lees ik in Efeze 4: 8a. Misschien dat Kolossenzen 2: 15 duidelijk kan maken waarom dat dan nodig was: 
Kolossenzen 2: 15 Hij heeft de overheden en de machten ontwapend, die openlijk te schande gemaakt en daardoor over hen getriomfeerd.

Christus heeft door zijn lijden, sterven en opstanding de zonde en de dood overwonnen. Hij heeft satan overwonnen, de veroorzaker van de zonde en de dood, zie Genesis 2: 17 en Genesis 3. Hij heeft getriomfeerd over satan en zijn demonen. Dat moest Christus laten zien in die gevangenis.

Samenvatting.

Samengevat zie ik dat er een 1e hemelvaart is. Dit houdt in dit dat Christus direct na Zijn opstanding, in Johannes 20: 19, opgevaren is naar zijn Vader. Tijdens dit omhoog gaan door de lucht, beschreven in Efeze 4: 8a, heeft Hij de gevangenis gevangen genomen. 
In 1 Petrus 3: 19 heeft Christus Zijn overwinning geproclameerd aan de geesten in die gevangenis (cel). Christus heeft niet tegen hen gepredikt. Hij heeft getriomfeerd zegt Kolossenzen 2: 15. Hij heeft de engelen die gezondigd hebben, zo lees ik in 2 Petrus 2: 4, in de tartarus gebonden aan ketenen van de duisternis om ze te bewaren tot het oordeel. Dit oordeel zal uiteindelijk plaatsvinden in Openbaring 20: 10 en 14.

Nadat Christus dit werk allemaal had verricht kwam hij terug naar de aarde om zich te tonen aan de discipelen. Christus heeft veertig dagen met hen over het komende Koninkrijk gesproken lees ik in Handelingen 1: 3. Daarna heeft de 2e hemelvaart plaatsgevonden welke wordt beschreven in Lukas 24: 51 en Handelingen 1: 9. 
En nu wachten wij op Zijn wederkomst. Dan zal Christus zichtbaar Koning zijn.



zondag 25 maart 2018

De rietstok.


De rietstok.

Mijn Bijbelstudie over Openbaring vordert gestaag. Hoe verder ik kom hoe meer informatie ik er in wil verwerken. Soms loopt het onderzoeken uit de hand en zie ik door de bomen het bos niet meer. Dan laat ik alle gegevens maar vallen en houd het eenvoudig. In Openbaring 11: 1 stuitte ik op de meetlat (kalamos). Dat blijkt hetzelfde voorwerp blijkt te zijn als de rietstok in Mattheus 27.

Openbaring 11: 1 En mij werd een meetlat gegeven, die op een staf leek. En de engel was erbij komen staan en zei: Sta op en meet de tempel van God, het altaar en hen die daarin aanbidden.

Mattheus 27: 28-30, 48 28 En toen zij Hem ontkleed hadden, deden zij Hem een scharlakenrode mantel om, 29 vlochten een kroon van dorens, zetten die op Zijn hoofd en gaven Hem een rietstok in Zijn rechterhand. Zij vielen op hun knieën voor Hem neer en bespotten Hem met de woorden: Gegroet, Koning van de Joden! 30 Ook bespuwden zij Hem, pakten de rietstok en sloegen Hem op Zijn hoofd. 48 En meteen snelde een van hen toe, nam een spons, doordrenkte die met zure wijn, stak hem op een rietstok en hij gaf Hem te drinken.


Het verraste mij dat ik uitkwam met mijn zoektocht bij de kruisiging van Christus. In Mattheus 27: 29 wordt de rietstok (kalamon) de Here Jezus als 'staf' in de hand gegeven en in vers 30 wordt een rietstok als een roede gebruikt om Hem te slaan. Daarna gebruikt men, in vers 48, de rietstok om er een spons met zure wijn op te steken zodat de Here Jezus zou kunnen drinken.

Is er een verband tussen deze twee gedeeltes? Ik las hier dat het meten iets zegt over de toekomst van datgene wat gemeten is. En het heeft met 'heiligen' te maken. In Openbaring 11: 1 wordt de tempel van God gemeten. Heeft Christus ook niet gezegd dat Hij de tempel is! 

Johannes 2: 19 -21 19 Jezus antwoordde en zei tegen hen: Breek deze tempel af en in drie dagen zal Ik hem laten herrijzen. 20 De Joden zeiden dan: Zesenveertig jaar is aan deze tempel gebouwd, en zult hem in drie dagen laten herrijzen? 21 Maar Hij sprak over de tempel van Zijn lichaam.

Wonderlijk om er over na te denken wat zo'n rietstok voor Christus heeft betekend. Christus, gemeten en te licht bevonden. Maar gelukkig niet voor Zijn Vader. En ik mag, door genade, Zijn offer in mijn leven aanvaarden. Wat een blijdschap en zegen! Het is een voorrecht om hier vaak aan te denken en voor te danken, zeker met de paasdagen.

De foto van het kruis heb ik gemaakt in de Duitse Alpen.




Ik wens jullie een gezegende Pasen.

















donderdag 8 maart 2018

OPENBARING 10

Heiligen en Openbaring 10.

In Visie 46 (2017) las ik iets over heiligen en wat die betekenen voor katholieke gelovigen. Anton de Wit, die wordt geïnterviewd, legt uit hoe het met heiligen zit. Ze worden niet aanbeden. Ze worden vereerd, maar dat hoort bij het geloof. Het zijn geen heilige boontjes. Een kritische lezer, in Visie 49, was het hier niet mee eens. Andries Knevel roept in zijn column, in Visie 47, de katholieken op om hun kerken niet te snel te sluiten. Dit omdat protestantse gelovigen deze Godshuizen wel eens meer kunnen gaan bezoeken om het evangelie te gaan ervaren.

Ondanks dat ik wel heb gemerkt dat er meer contact wordt gezocht met het 'katholieke geloof' ben ik niet helemaal gerust over deze 'heiligen' uitleg en daarom heb ik enkele site bezocht.

Hier lees ik dat er “Twintig katholieke heiligen zijn er die je moet kennen want zij zijn voorsprekers voor ons bij God.” 
En hier lees ik o.a. “Onder paus Johannes Paulus II (1978-2005) is het aantal wonderen voor een zaligverklaring teruggebracht tot één en voor een heiligverklaring tot twee. Als aan deze drie criteria is voldaan kondigt de paus plechtig af dat de persoon lokaal (als zalige) of wereldwijd (als heilige) vereerd mag worden.” 
Tenslotte lees ik hier nog “Voor katholieke christenen is het ook mogelijk de voorspraak van heiligen en vooral van Maria, de moeder van Jezus, in te roepen.




Eigenlijk krijg ik toch de indruk dat die heiligen meer eer krijgen dan ze toekomen. Natuurlijk, wij hebben ook zo onze gelovigen die we bewonderen, zoals Spurgeon, Billy Graham, Ouweneel, Darby, Luther en nog vele anderen. En daar mag het dan bij blijven.

Maar, zegt Gods Woord niet dat alle gelovigen heiligen zijn? 
In de Efeze brief alleen al worden gelovigen minstens negen keer 'heiligen' genoemd. 'Heiligen' betekent: apart gezet. Het kan om dingen en mensen gaan. Zie bijvoorbeeld Exodus 40: 13 waar Aäron aparte gezet wordt als priester voor God. Paulus zegt van zichzelf in: Efeze 3: 8a Mij, de allerminste van alle heiligen. Het kan dan onze ego strelen eventueel postuum door mensen 'heilig' of 'zalig' verklaard te worden. Toch is het vele malen waardevoller door God IN Christus als heilig en zalig te worden gezien. Zo lees ik in:

Kolossenzen 1: 2 aan de heilige en gelovige broeders in Christus die in Kolosse zijn: genade zij u en vrede van God, onze Vader, en van de Heere Jezus Christus.
Titus 3: 4 – 7 4 Maar toen de goedertierenheid van God, onze Zaligmaker, en Zijn liefde tot de mensen verschenen is, 5 maakte Hij ons zalig, niet op grond van de werken van rechtvaardigheid die wij gedaan zouden hebben, maar vanwege Zijn barmhartigheid, door het bad van de wedergeboorte en de vernieuwing door de Heilige Geest. 6 Die heeft Hij in rijke mate over ons uitgegoten door Jezus Christus, onze Zaligmaker, 7 opdat wij, gerechtvaardigd door Zijn genade, erfgenamen zouden worden, overeenkomstig de hoop van het eeuwige leven.

In Openbaring gaat het over een andere groep 'heiligen', namelijk het volk Israël. Zij zijn door God uitverkoren om als koningen en priesters de wereld in te trekken om het evangelie van het Koninkrijk te prediken. 

Exodus 19: 6 U dan, u zult voor Mij een koninkrijk van priesters en een heilig volk zijn. Dit zijn de woorden die u tot de Israëlieten moet spreken.
1 Petrus 2: 9, 10 9 Maar u bent een uitverkoren geslacht, een koninklijk priesterschap, een heilig volk, een volk dat God Zich tot Zijn eigendom maakte; opdat u de deugden zou verkondigen van Hem Die u uit de duisternis geroepen heeft tot Zijn wonderbaar licht, 10 u, die voorheen geen volk was, maar nu Gods volk bent; u, die zonder ontferming was, maar nu in ontferming aangenomen bent.
Openbaring 1: 6 en Die ons gemaakt heeft tot koningen en priesters voor God en Zijn Vader, Hem zij de heerlijkheid en de kracht in alle eeuwigheid. Amen.

Maar voor het zover is moet er eerst nogal wat gebeuren. In mijn studie over Openbaring 10 laat ik daarvan weer iets zien. Johannes krijgt de opdracht om opnieuw te profeteren over vele volken, naties, talen en koningen. Dit nadat hij het geopende verzegelde boekje moet opeten.

Openbaring 10: 10, 11 10 En ik nam het boekje uit de hand van de Engel en at het op, en het was in mijn mond zoet als honing, maar toen ik het opgegeten had, werd mijn buik bitter. 11 En Hij zei tegen mij: U moet opnieuw profeteren over vele volken, naties, talen en koningen.