Inleiding

Is het zo belangrijk hoe we de Bijbel lezen? Mijn ervaring is van wel. Ik was bijna gestrand in de tegenstrijdigheden in Gods Woord en de verschillende uitleggingen daarover. Staan er dan in de Bijbel teksten die elkaar tegenspreken? Ik heb ze wel gevonden. Neem bijvoorbeeld 1 Korinthe 7,26,29 en vergelijk dat met 1 Timotheüs 5:14. Ik weet wel dat je de teksten in het verband moet lezen, maar dan nog kwam ik er niet uit. In mijn studie "tegenstrijdigheden in de Bijbel" kun je lezen waar ik zoal tegenaan ben gelopen en hoe ik deze vermeende tegenstrijdigheden mag lezen.

In de verzen 1 Korinthe 1:10 en Filippenzen 2:2 spreekt de Bijbel over eensgezindheid. Als ik om mij heen kijk heb ik het idee dat we alles behalve eensgezind zijn. Over het werk van Christus denken we veelal wel hetzelfde, maar er zijn verder veel verschillen en dus ook veel groepen.

In de VISIE van januari 2014 wordt in “slijpsteen” gevraagd of werken aan kerkelijke eenheid verspilde energie is. 61 % vindt van niet, 39 % vindt van wel.

Ik denk dat veel van de verschillen te maken hebben met hoe we de Bijbel lezen.

Wat ik veel hoor en lees is dat wij tegenwoordig leven in en mogen bouwen aan het Koninkrijk van God. De Here Jezus wordt aanbeden als onze Koning. Maar is Christus op dit moment Koning? Hierover kun je lezen in mijn studie "De toekomst van de mens" deel 1 "Het Koninkrijk"

Maar om de bedoeling van het Koninkrijk goed te begrijpen raad ik je aan ook de andere delen van de studie te lezen. Daar vind je dan ook een een uitleg over "de hel", waar ik me aan gewaagd heb. Eén en ander hebben, naar mijn idee, met elkaar te maken.

"De hel" is een onderwerp waar we mee in onze maag zitten. Ongeveer 10 jaar geleden werd daar in diverse tijdschriften aandacht aan besteed. In het blad CV-Koers schreef een bekende Nederlander dat hij zou willen dat er een ander verhaal was dan "de hel". Bovendien werd het "ons nare geheimpje" genoemd.

Waar ik natuurlijk benieuwd naar ben is wat je van de studies vindt.

Studie: "Efeze 6"

Bedeling van genade: Efeze 6. 

Efeze 6 is het vervolg op de studies over Efeze 1, 2, 3, 4, en 5. Ik doe regelmatig aanhalingen uit deze hoofdstukken. Daarom geef ik hier de linken naar deze vijf studies: 

Efeze 1 Efeze 2 Efeze 3 Efeze 4 Efeze 5.

Hoe wil God dat ik leef in deze tijd. 

Efeze 6

1 Kinderen, wees je ouders gehoorzaam in de Heere, want dat is juist.
Dit vers is een vervolg op Efeze 5 vanaf vers 21. Daar wordt gesproken over onderdanigheid. Onderdanigheid wil zeggen dat de een aan de ander onder geordend is en dat de personen in wezen gelijk zijn aan elkaar. Er is absoluut geen rang verschil maar wel een verschil in orde. Bij gehoorzaamheid is er wel een rang verschil.

In de grondtekst staat voor kinderen 'teknon'. Het betekent: kind, zoon, dochter. Het is een andere uitdrukking dan kinderen in Efeze 1: 5. Daar gaat het over het zoonschap. 

Gehoorzaamheid wil hier in vers 1 zeggen dat de kinderen moeten luisteren naar hun ouders. Dat is in onze tijd niet zo vanzelfsprekend. Kinderen hebben al heel klein veel in de melk te brokkelen. Ouders moeten kinderen op een goede manier, zie vers 4, leren om te gehoorzamen. Een kind heeft naast ruimte ook begrenzing en bescherming nodig om te kunnen functioneren in deze huidige maatschappij. Als ouders hier op een goede manier mee omgaan zal vers 1 voor een kind minder moeilijk zijn.

'Dat is juist' staat in de Herziene Staten Vertaling in dit vers. In de grondtekst  staat: Dit is rechtvaardig. Het is rechtvaardig dat een kind zijn ouders gehoorzaamd.

In Kolossenzen 3: 20 lees ik dat gehoorzaamheid aan ouders welbehaaglijk is voor de Here. Dat wil zeggen dat God daar Zijn goedkeuring aan geeft.
Kol.3: 20 Kinderen, wees je ouders gehoorzaam in alles, want dat is welbehaaglijk voor de Heere.

2 Eer je vader en moeder (dat is het eerste gebod met een belofte),
3 opdat het je goed gaat en je lang leeft op de aarde.

Deut.5: 16 Eer uw vader en uw moeder, zoals de HEERE, uw God, u geboden heeft, opdat uw dagen verlengd worden en opdat het u goed gaat in het land dat de HEERE, uw God, u geeft.

In Deuteronomium 5: 16 staat eigenlijk precies hetzelfde al hier in vers 2 en 3. Het is het eerste en enige gebod wat een belofte toevoegt. Alleen staat in Deuteronomium: “opdat het u goed gaat in het land wat de Here uw God u geeft”. Dat zal het land Israël zijn. In Efeze 6: 3 wordt dit land niet belooft. En dat heeft te maken omdat deze verzen gericht zijn aan getrouwe gelovigen uit alle de volken inclusief de Israëlieten.

Eren is in de grondtekst 'tima'. Het betekent: waarderen, op waarde schatten, eren. In het Hebreeuws staat: Verheerlijk je vader en moeder.
Eren van ouders ligt in het verlengde van gehoorzamen aan ouders. Willen kinderen gehoorzaam zijn aan vader en moeder dan is vers 4 erg belangrijk.

4 En vaders, wek geen toorn bij uw kinderen op, maar voed hen op in de onderwijzing en de terechtwijzing van de Heere.

Kol.3: 21 Vaders, terg uw kinderen niet, opdat zij niet moedeloos worden.
De houding van vader, maar ook van moeder, is belangrijk om het kind te laten gehoorzamen. Een autoritaire vader wekt verzet, boosheid of moedeloosheid op en zo zal het kind moeite hebben om te gehoorzamen. En uiteindelijk zal het kind mogelijk gehoorzamen uit angst. Of het kind wordt opstandig en verlaat vroegtijdig het huis. Zo moet het niet schrijft Paulus. En hij heeft gelijk. Een vader zal daar op gewezen moeten worden, in liefde, door zijn vrouw of door anderen. Hopelijk laat de vader zich gezeggen en wil hij nadenken over zichzelf. Mogelijk heeft hij hulp nodig omdat hij het niet anders geleerd heeft. Hulp verleners zijn er genoeg.

Er zijn ook afwezige vaders. Ook dat heeft gevolgen voor de ontwikkeling van het kind. Ook daar mag de vader, in liefde, op gewezen worden door zijn vrouw of door anderen.

Het is belangrijk dat een kind opgevoed wordt met het Woord van God. Hierin mag het onderwezen worden en en ook terecht gewezen worden.
Terecht wijzen is in de grondtekst 'nouthesia'. Het betekent: in het denken plaatsen, attenderen.

Tegelijkertijd is het belangrijk dat ouders voor het kind een voorbeeld zijn, in de opvoeding en in het attenderen op het Woord van God. Zo zal het een kind het meeste aanspreken. Ik meen dat Efeze 5: 29 hier bij aangehaald kan worden. Zoals de vader voor zichzelf zorgt mag hij ook voor zijn kinderen zorgen. En dit is dan weer vergelijkbaar met hoe Christus voor Zijn Gemeente zorgt.

5 Slaven, wees, evenals aan Christus, gehoorzaam aan uw heer naar het vlees, met vrees en beven, oprecht van hart,

Kol.3: 22 Slaven, wees in alles uw aardse heren gehoorzaam, niet met ogendienst als om mensen te behagen, maar oprecht van hart, in het vrezen van God.

Slaaf is in de grondtekst 'doulos'. Het betekent: dienstknecht. In de Staten Vertaling wordt 'doulos' vertaald door 'dienstknechten'.
In de Bijbelse tijd was een slaaf het eigendom van zijn heer. Het woord 'doulos' wordt in Filippenzen 2: 7 voor Christus gebruikt.
Fil.2: 5 5 Laat daarom die gezindheid in u zijn die ook in Christus Jezus was, 6 Die, hoewel Hij in de gestalte van God was, het niet als roof beschouwd heeft aan God gelijk te zijn, 7 maar Zichzelf ontledigd heeft door de gestalte van een slaaf aan te nemen en aan de mensen gelijk te worden.

Zo is Christus een voorbeeld voor slaven en dienstknechten. Het gehoorzamen van Christus ging heel ver.

Hier worden slaven of dienstknechten opgedragen te gehoorzamen aan hun aardse heer. Met vrees en beven. Daar lijkt een soort van angstige slaafse onderdanigheid in te schuilen. Toch is het de bedoeling dat deze gehoorzame houding uit respect voortkomt. En dat kan alleen als de heer vers 9 in de praktijk brengt.

Oprecht is in de grondtekst 'haplotes'. Het betekent: eenvoud.
De slaven en dienstknechten moeten oprecht en eenvoudig van hart gehoorzamen. Dus zonder boosheid wrok, opstandigheid en bijbedoelingen.

6 niet met ogendienst, als mensenbehagers, maar als slaven van Christus; doe zo van harte de wil van God,
7 en dien met bereidwilligheid de Heere en niet de mensen.
8 U weet immers dat wat ieder aan goeds gedaan heeft, hij dat van de Heere terug zal krijgen, hetzij slaaf, hetzij vrije.

Kol.3: 23 – 25 23 En alles wat u doet, doe dat van harte, als voor de Heere en niet voor mensen, 24 in de wetenschap dat u van de Heere als vergelding de erfenis zult ontvangen, want u dient de Heere Christus. 25 Maar wie onrecht doet, zal het onrecht dat hij gedaan heeft, terugkrijgen; en er is geen aanzien des persoons.

Deze verzen zijn geschreven in een tijd dat het volk Israël onderdrukt werd door de Farizeeën en Schriftgeleerden. Maar ook werd het land overheerst door de Romeinen. Velen waren slaven en dienstknechten. Om hun taak uit te kunnen oefenen en vol te kunnen houden was het van belang dat zij zich konden richten op Christus, die net als het volk had geleden.

Slaven en dienstknechten moeten niet mensen zoeken te behagen, wat ogendienst is. Maar zij moeten Christus voor ogen houden en voor Hem werken en met heel hun hart en leven de wil van God doen. Ze mogen bereidwillig de Heere dienen en niet de mensen. Uit het dienen van de Heere komt automatisch, als het goed is, het dienen van mensen voort. En dan komt de belofte dat een slaaf, maar ook een vrij mens, van de Heere terug zal krijgen wat hij/zij aan goeds heeft gedaan. Kolossenzen 3: 25 voegt daaraan toe dat wanneer de slaaf of vrije onrecht doet hij/zij dit ook terug krijgt. Er is daarin geen onderscheid tussen slaaf en een heer. Ik moet daarbij denken aan het Galaten 6: 7 en 8; wat ik zaai zal ik ook oogsten. Dat is een logisch gevolg.
Gal.6: 7 Dwaal niet: God laat niet met Zich spotten, want wat de mens zaait, zal hij ook oogsten.

In onze tijd spreken we niet meer van slaven en dienstknechten, maar van werknemers of arbeiders. De principes voor slaven kunnen ook nu toegepast worden.

9 En heren, doe hetzelfde bij hen; laat het dreigen achterwege. U weet toch dat ook uw Heere in de hemelen is en dat er bij Hem geen aanzien des persoons is.

Kol.3: 25 Maar wie onrecht doet, zal het onrecht dat hij gedaan heeft, terugkrijgen; en er is geen aanzien des persoons.
Gelukkig staan er ook richtlijnen voor de heren, die de slaven in dienst hebben, zodat het ook mogelijk is om een voorbeeldige slaaf te zijn. Het is natuurlijk de vraag of die Romeinse heren zich wel hielden aan deze voorschriften, laat staan de Farizeeën en Schriftgeleerden. Maar het was zeker wel de bedoeling dat de gelovige heren hier een voorbeeld in waren. Vers 5 – 8 geld ook voor 'heren' of werkgevers. Dus van harte en met heel hun leven gehoorzaam zijn aan Christus, de wil van God doen en geen mensen behagen maar de Heer dienen. Als er goed gedaan is dan zal God dit teruggeven. Er wordt in vers 9 nog toegevoegd dat 'heren' niet behoeven te dreigen. Ze hoeven hun positie niet te misbruiken.

10 Verder, mijn broeders, word gesterkt in de Heere en in de sterkte van Zijn macht.
De broeders, maar ik denk ook de zusters mogen zich sterken in de sterkte van de macht van Christus. Het gaat niet om mijn macht. Die is niets waard. Het gaat om de macht die Christus heeft laten zien en die Hij nog heeft. IN Christus ben ik machtig. Ik moet hierbij denken aan Filippenzen 4: 13.
Fil.4: 13 Alle dingen zijn mij mogelijk door Christus, Die mij kracht geeft.
Ook ben ik niet machtig door mijn geloof, maar alleen door het geloof van Christus. Niets van mezelf is machtig of krachtig. Ik mag wijzen en vertrouwen op de kracht, macht en het geloof van Christus. Zie ook Efeze 1: 19 en 20.

11 Bekleed u met de hele wapenrusting van God, opdat u stand kunt houden tegen de listige verleidingen van de duivel.
Het sterken in de Heere lukt alleen als ik de hele wapenrusting van God aan doe. Die wapenrusting wordt beschreven vanaf vers 14 – 18 en bestaat uit zeven onderdelen. Dit legt een link naar Efeze 1: 3 waar het gaat over 'alle geestelijke zegeningen' welke bestaan uit zeven zegeningen; Efeze 1: 3 – 13.

Ik heb die wapenrusting nodig om de listige verleidingen van Satan te kunnen weerleggen. Eigenlijk is de wapenrusting in zijn geheel te vinden IN Christus. In vers 10 las ik over de macht en de kracht van de Heere. De Here Jezus zelf versloeg de Satan met het Woord van God. Hij zegt op diverse plaatsen: “Er is geschreven”, onder anderen in Mattheus 4: 4, 6 en Lukas 4: 4, 8, 10. Zo mag ik ook de satan en zijn verleidingen weerstaan door het Woord van God te lezen, dit tot mij door te laten dringen en vast te blijven houden. Dat is zo belangrijk omdat dit woord getuigd van de overwinning van Christus over Satan zo lees ik in Hebreeën 2: 14. Satan zal eerst in de afgrond worden geworpen; Openbaring 20: 1 – 3 en daarna in de poel van vuur waar hij vernietigd wordt; Openbaring 20: 10.
Hebr.2: 14 Omdat nu die kinderen van vlees en bloed zijn, heeft Hij eveneens daaraan deel gehad om door de dood hem die de macht over de dood had dat is de duivel teniet te doen,

12 Want wij hebben de strijd niet tegen vlees en bloed, maar tegen de overheden, tegen de machten, tegen de wereldbeheersers van de duisternis van dit tijdperk, tegen de geestelijke machten van het kwaad in de hemelse gewesten.
Als ik dit vers vergelijk met Efeze 3: 10 dat kom ik tot de conclusie dat er enerzijds boze overheden en machten zijn waartegen ik mij mag wapenen. Maar anderzijds zijn er ook machten waaraan God de veelvuldige wijsheid bekendgemaakt heeft gemaakt. Of gaat het in deze twee verzen over dezelfde machten? Het is in ieder geval een bovennatuurlijke wereld waar ik weinig van weet.

De strijd die ik heb te strijden is geen strijd tegen mensen van vlees en bloed. Alhoewel de boze machten zich wel kunnen manifesteren door middel van mensen. Ondanks dat is het een geestelijke strijd die ik aanga met de wapenrusting, met Christus. Want Hij heeft al over hen getriomfeerd;
Kolossenzen 2:15 Hij heeft de overheden en de machten ontwapend, die openlijk te schande gemaakt en daardoor over hen getriomfeerd.

13 Neem daarom de hele wapenrusting van God aan, opdat u weerstand kunt bieden op de dag van het kwaad, en na alles gedaan te hebben, stand kunt houden.

Ik leef nu in de dag van het kwaad. In Efeze 5: 16 lees ik over dagen die vol kwaad zijn. In Efeze 2: 2b lees ik niet over de dag maar over de periode (eeuw) waarin de aanvoerder in de lucht werkt in de kinderen van de ongehoorzaamheid. In 2 Korinthe 2: 4 lees ik over de god van deze eeuw die gedachten verblind zodat zij het Evangelie niet kunnen zien en begrijpen.

Ef.2: 2b overeenkomstig het tijdperk van deze wereld, overeenkomstig de wil van de aanvoerder van de macht in de lucht, van de geest die nu werkzaam is in de kinderen van de ongehoorzaamheid,
2 Kor.4: 4 Van hen, de ongelovigen, geldt dat de god van deze eeuw hun gedachten heeft verblind, opdat de verlichting met het Evangelie van de heerlijkheid van Christus, Die het beeld van God is, hen niet zou bestralen

In deze boze eeuw heb ik de wapenrusting hard nodig juist omdat de god van deze eeuw, Satan, wil voorkomen dat het Evangelie van de heerlijkheid van Christus mij en anderen zou bereiken.

14 Houd dan stand, uw middel omgord met de waarheid, en bekleed met het borstharnas van de gerechtigheid,

1. 'Waarheid' is het eerste wapen uit de wapenrusting. Ook in Efeze 4: 15, 21, 25 en Efeze 5: 9 gaat het over waarheid. Enkele teksten uit het Johannes evangelie die mij iets over 'waarheid' vertellen zijn:

Joh.1: 14, 17 14 En het Woord is vlees geworden en heeft onder ons gewoond (en wij hebben Zijn heerlijkheid gezien, een heerlijkheid als van de Eniggeborene van de Vader), vol van genade en waarheid. 17 Want de wet is door Mozes gegeven, de genade en de waarheid zijn er door Jezus Christus gekomen.
Joh.8: 32 en u zult de waarheid kennen, en de waarheid zal u vrijmaken.
Joh.14: 6,17 6 Jezus zei tegen hem: Ik ben de Weg, de Waarheid en het Leven. Niemand komt tot de Vader dan door Mij. 17 namelijk de Geest van de waarheid, Die de wereld niet kan ontvangen, want zij ziet Hem niet en kent Hem niet, maar u kent Hem, want Hij blijft bij u en zal in u zijn.

Johannes 14: 6 zegt dat de Here Jezus de Weg, de Waarheid en het Leven is. Vers 17 spreekt over de geest van de waarheid. Dat brengt mij bij:
Efeze 1: 13 In Hem bent ook u, nadat u het Woord van de waarheid, namelijk het Evangelie van uw zaligheid, gehoord hebt; in Hem bent u ook, toen u tot geloof kwam, verzegeld met de Heilige Geest van de belofte,
Kol.1: 5 vanwege de hoop die voor u is weggelegd in de hemelen. Hiervan hebt u eerder gehoord door het Woord van de waarheid, namelijk van het Evangelie.

Het woord van de waarheid is het Evangelie van mijn zaligheid. Dit is tevens mijn hoop. Die zaligheid en hoop heb ik ontvangen IN Christus toen ik dat woord heb gehoord en aangenomen als waarheid. Op dat moment ben ik ook verzegeld met heilige geest. Met deze waarheid mag ik mij omgorden. En dat is belangrijk omdat ik weet vanuit de praktijk dat Satan er op uit is om twijfel te zaaien over deze waarheid.

2. Het tweede wapen uit de wapenrusting is 'gerechtigheid'. Zie ook Efeze 4: 24 waar het gaat over 'de nieuwe mens'. Die 'nieuwe mens' is Christus.
'Gerechtigheid' is hetzelfde als 'rechtvaardigheid'. Rechtvaardigheid komt voor in Filippenzen 3: 9. In Efeze 5: 9 is het een vrucht van de geest.
Flp.3: 9 en in Hem gevonden word, niet met mijn rechtvaardigheid, die uit de wet is, maar die door het geloof in Christus is, namelijk de rechtvaardigheid uit God door middel van het geloof;
Ef.5: 9 want de vrucht van de Geest bestaat in alle goedheid en rechtvaardigheid en waarheid

Rechtvaardigheid is uit God. Door het geloof, niet in, maar van Christus. Zo staat het in de grondtekst  Het kan nooit aan mijn geloof liggen. Het is altijd door Christus.

Wat is gerechtigheid? Hier vond ik:
Een term die niet alleen inhoudt dat recht wordt gedaan aan iemand die onrecht lijdt, maar ook aangeeft dat de boosdoeners worden gestraft. Gerechtigheid is verder een theologisch begrip: God spreekt de zondaars om Christus' wil vrij van schuld.”
Dat laatste, die vrijspraak van schuld is Genade. Dat is mijn borstharnas. Satan wil altijd aanklagen. Nooit is het goed genoeg. Altijd houdt hij mij mijn schuld voor ogen. Maar God heeft IN Christus alles vergeven. Christus heeft de schuld voor mij/ons betaald op het kruis van Golgotha. Christus is mijn Gerechtigheid. IN Hem ben ik gerechtvaardigd.

15 en de voeten geschoeid met bereidheid van het Evangelie van de vrede.
3. Het derde wapen is het Evangelie van de vrede. 'Evangelie' is in het Grieks 'euaggelion', wat 'goede juiste boodschap' betekent. Het gaat om de goede juiste boodschap voor deze bedeling. Hier is het de blijde boodschap van de vrede. Dit evangelie komt ook voor in Efeze 1: 13, 2: 17, 3: 6 en 8.

Ik mag dit evangelie aan mijn voeten dragen als schoenen. De voeten zijn de basis van mijn lichaam. Ik sta erop. Ik zou dus kunnen zeggen dat het evangelie van de vrede, als levenshouding, de basis is van mijn leven IN Christus. Ik las op wikipedia dat de Romeinse soldatenschoenen, in die tijd, stalen pinnen hadden zodat de soldaat er niet mee weg kon glijden in de strijd. En de schoenen beschermde hem tegen stenen en kou. Het evangelie van de vrede, waar ik op sta, beschermt mij tegen de aanvallen van Satan en is verankerd met stalen pinnen IN Christus.

Ik lees in: Rom.10: 15b Hoe lieflijk zijn de voeten van hen die vrede verkondigen, van hen die het goede verkondigen!
Vrede is een vrucht van de geest:
Galaten 5: 22 De vrucht van de Geest is echter: liefde, blijdschap, vrede, geduld, vriendelijkheid, goedheid, geloof, zachtmoedigheid, zelfbeheersing.

Vergeven is de sleutel naar die vrede. Vergeven is niet gemakkelijk maar wel belangrijk. De Here Jezus ging mij daarin voor; Luk.23: 34 En Jezus zeide: Vader, vergeef het hun; want zij weten niet, wat zij doen.

IN Christus is vergeving mogelijk. Door te vergeven ontneem ik Satan de kans om mij aan te klagen en aan te vallen. Ook voorkom ik, door vergeven, dat ik verbitterd raak.

Ik mag het verlossingswerk van Christus in mijn leven aanvaarden, vasthouden en genieten van het resultaat;
Fil.4:7 en de vrede van God, die alle begrip te boven gaat, zal uw harten en uw gedachten bewaken in Christus Jezus.

16 Neem bovenal het schild van het geloof op, waarmee u alle vurige pijlen van de boze zult kunnen uitblussen.
4. Het vierde wapen is het schild van het geloof. Het is de middelste van de zeven wapens. Deze moet ik bovenal opnemen.

In de Naardense Bijbel staat: “Het schild dat het geloof is”. Christus is ons geloof. Het gaat om Zijn geloof wat mij beschermen kan. Dus staat hier eigenlijk: Het schild wat Christus is. Ik las op internet  dat de soldaat hun schilden ook gebruikten om elkaar te beschermen. Dat is een mooi beeld. Het Schild, dus Christus, beschermt ons volmaakt tegen alle vurige pijlen van Satan. Deze pijlen kunnen geestelijke aanklachten zijn of zelfs fysieke aanvallen. Maar niets kan mij scheiden van Christus. Dat komt ook in de onderstaande teksten tot uiting.

Gal. 2: 16 weten dat een mens niet gerechtvaardigd wordt uit werken van de wet, maar door het geloof in Jezus Christus. En ook wij zijn in Christus Jezus gaan geloven, opdat wij gerechtvaardigd zouden worden uit het geloof van Christus en niet uit werken van de wet. Immers, uit werken van de wet wordt geen vlees gerechtvaardigd.
Fil.3: 9 en in Hem gevonden word, niet met mijn rechtvaardigheid, die uit de wet is, maar die door het geloof in Christus is, namelijk de rechtvaardigheid uit God door middel van het geloof;

In de grondtekst  staat in Filippenzen 3: 9 “door het geloof van Christus”. Net als in Galaten 2: 16 waar trouwens 2 keer in de grondtekst 'geloof van Christus' staat. Het gaat niet om mijn geloof, maar om het geloof van Christus waar ik achter mag schuilen. Mijn geloof is labiel en schiet te kort. Maar het geloof van Christus heeft zonde en dood overwonnen. Het zal nooit te kort schieten.

17 En neem de helm van de zaligheid en het zwaard van de Geest, dat is Gods Woord,
5. Het vijfde wapen is de helm. Een helm draag ik op mijn hoofd. Hier gaat het over de helm van de zaligheid. Zaligheid betekent: heil, verlossing, redding, behoud. Deze helm ontvang ik zo staat in de grondtekst
Dat is bijzonder, want het vorige wapen moest ik opnemen. Maar het ontvangen is wel in overeenkomst met de inhoud. Ik ontvang mijn behoud en verlossing op grond van het volbrachte werk van Christus; Efeze 1: 7, 8. Zie ook Handelingen 28: 28. Het enige wat ik hoef te doen is de helm op te zetten.

Een Romeinse helm  bedekte het hele hoofd; niet alleen de bovenkant, maar ook de wangen. Zo was het gehele hoofd beschermd tegen slagen en klappen.

6. Het zesde wapen is het Woord van God. Dit Woord is het zwaard van de geest. In het Woord staan Gods plannen beschreven. Ook zitten in de Bijbel Gods gedachten over ons mensen.

De 1e keer dat 'het woord' genoemd wordt is in Gen.15: 1, geheel in overeenstemming met de wapenrusting:
Gen.15:1 Na deze dingen geschiedde het woord des HEEREN tot Abram in een gezicht, zeggende: Vrees niet, Abram! Ik ben u een Schild, uw Loon zeer groot.

Ook in Johannes 1: 1 en Openbaring 19: 13 lees ik over het Woord. Daar gaat het over Christus.
Joh.1: 1 In het begin was het Woord en het Woord was bij God en het Woord was God.
Op.19: 13 En Hij was bekleed met een in bloed gedoopt bovenkleed, en Zijn Naam luidt: Het Woord van God.

Gods Woord beschrijft ook een tweesnijdend zwaard zoals in Openbaring 1: 16, 2: 12 en Hebreeën 4: 12. Het Woord is in deze teksten oordelend. Deze teksten zijn alle drie gericht op het functioneren van Christus in het in de toekomst opgerichte Koninkrijk van God.
Hebr.4: 12 Want het Woord van God is levend en krachtig en scherper dan enig tweesnijdend zwaard, en het dringt door tot op de scheiding van ziel en geest, van gewrichten en merg, en het oordeelt de overleggingen en gedachten van het hart.

'Het woord van Christus' komt 1 x voor in de Bijbel en wel in Kolossenzen 3: 16.
Kol.3: 16 Laat het woord van Christus in rijke mate in u wonen, in alle wijsheid; onderwijs elkaar en wijs elkaar terecht, met psalmen, lofzangen en geestelijke liederen. Zing voor de Heere met dank in uw hart.

18 terwijl u bij elke gelegenheid met alle gebed en smeking bidt in de Geest en daarin waakzaam bent met alle volharding en smeking voor alle heiligen.
7. Bidden is het zevende en laatste wapen van de wapenrusting.
In de grondtekst  Komt het woordje 'de' niet voor. Er staat 'bidden in geest'

In geest bidden en smeken wil zeggen dat het een geestelijke gebed is in overeenkomst met de wil van God. 'In geest' komt ook voor in Efeze 2: 22. Ik kan bij elke gelegenheid geestelijk bidden en smeken. Smeken komt alleen hier voor en in Filippenzen 4: 6.
Fil.4: 6 Wees in geen ding bezorgd, maar laat uw verlangens in alles, door bidden en smeken, met dankzegging bekend worden bij God;

Ik kan bij elke gelegenheid geestelijk bidden en smeken voor alle heiligen. Deze heiligen worden ook genoemd in Efeze 1: 1. Het zijn de getrouwe gelovigen die apart gezet zijn en daardoor toegewijd zijn. Dit zijn ze niet uit zichzelf maar IN Christus en door het geloof van Christus; vers 16. Ik mag er over waken dat ik geestelijk bid 'in geest' en ik mag dit met volharding doen.
Volharding komt alleen hier in Efeze 6: 18 voor. In de Staten Vertaling staat: 'met alle gedurigheid'. Het gaat om een intensieve manier van volhouden. Dit wordt ook duidelijk door het verzoek om bij elke gelegenheid te bidden.

In de Kolossenzen brief lees ik over bidden, waakzaamheid en danken. Een gebed in geest, dus in overeenstemming met de wil van God, is het bidden om te mogen spreken over het geheimenis van Christus; Kolossenzen 4: 3.
Kol.1: 3 Wij danken de God en Vader van onze Heere Jezus Christus altijd wanneer wij voor u bidden,
Kol.4: 2, 3 2 Houd sterk aan in het gebed, en wees daarin waakzaam met dankzegging. 3 Bid meteen ook voor ons dat God voor ons de deur van het Woord opent, om van het geheimenis van Christus te spreken, om welke oorzaak ik ook gebonden ben,

19 Bid ook voor mij, opdat mij het woord gegeven wordt bij het openen van mijn mond, om met vrijmoedigheid het geheimenis van het Evangelie bekend te maken,
Paulus wilde ook graag dat de getrouwe gelovigen voor hem zouden bidden. Hij wilde met vrijmoedigheid het geheimenis van het evangelie bekend maken. Het was niet zomaar dat Paulus dit vroeg want er was tegenstand op de manier waarop hij het Woord bracht zoals ik kan lezen in 2 Timoteüs 4: 16. Daar lees ik dat iedereen Paulus verlaten had werd toen hij ondervraagd werd.
2 Tim.4: 16 Bij mijn eerste verdediging was er niemand die mij bijstond, maar zij hebben mij allen verlaten. Moge het hun niet toegerekend worden.

Over het Woord wat Paulus mag doorgeven lees ik onder anderen in Efeze 3: 3 – 7. Paulus is een dienaar geworden van het evangelie voor deze bedeling. Het evangelie voor deze bedeling is de goede boodschap van mijn behoud; Efeze 1: 13, Kolossenzen 1: 13, 14 en van vrede; Efeze 6: 15. Die vrede is vooral van toepassing op het samengaan van de volkeren met de Israëlieten in het Ene Lichaam van Christus; Efeze 3: 6. Christus geeft deze vrede. Hij is de vrede.

In Efeze 1: 15, 16 en 3: 14, 15 zie ik dat Paulus bid voor de getrouwe gelovigen. En hier vraagt hij dan om gebed voor zichzelf om Het Woord te mogen blijven doorgeven.
'Woord' is hier in de grondtekst 'logos'. En het duidt op een openbaring van iets wat nog niet geopenbaard was. Dat nieuw geopenbaarde Woord herken ik in de Efeze brief.
'Logos' komt ook voor in: Efeze 1: 13 en hier in vers 19. Hier gaat het over iets positiefs wat geopenbaard werd.
In Efeze 4: 29 en 5: 6 gaat het over vuile taal en inhoudsloze woorden. Negatief dus.

20 waarvan ik een gezant ben in ketenen, opdat ik daarin vrijmoedig mag spreken, zoals ik moet spreken.

Kol.4: 3, 4 3 Bid meteen ook voor ons dat God voor ons de deur van het Woord opent, om van het geheimenis van Christus te spreken, om welke oorzaak ik ook gebonden ben, 4 opdat ik dit geheimenis mag openbaren zoals ik erover moet spreken.

Paulus is vanwege het woord van het geheimenis van het evangelie gebonden. Hij noemt zich een gezant in ketenen. In Handelingen 28: 20 schrijft Paulus:
Hand.28: 20c want om de hoop van Israël heb ik deze boeien om.
Ook in 2 Timoteüs 1: 16 heeft Paulus het over 'mijn boeien'. In de grondtekst  staat in beiden verzen 'ketenen'.

In Efeze 3: 1 noemt hij zichzelf een gevangene van Christus Jezus voor de heiden volkeren. En Efeze 4: 1 schrijft hij dat hij een gevangene in de Here is. Ook in Kolossenzen 1: 24 merk ik iets van deze ketenen die tegelijkertijd lijden veroorzaken.

Maar ondanks de ketenen wil Paulus vrijmoedig blijven spreken. Hij moet zelfs zo spreken. In de grondtekst  staat: 'Het-is-bindend mij te spreken'. Het duidt op een Goddelijk moeten. Zo wordt het ook in Efeze 4: 25 en 5: 19 bedoeld.

Uiteindelijk komt Paulus ter wille van het uitdragen van Gods Woord om het leven

21 En opdat ook u weet hoe het met mij gaat en wat ik doe, zal Tychikus, de geliefde broeder en trouwe dienaar in de Heere, u dat allemaal bekendmaken. 22 Met dat doel heb ik hem naar u toe gestuurd, opdat u onze omstandigheden zou kennen en hij uw hart zou vertroosten.

Kol.4: 7, 8, 9 7 Al mijn omstandigheden zal Tychikus, de geliefde broeder, trouwe dienaar en mede dienstknecht in de Heere, u bekendmaken. 8 Hem heb ik met dit doel naar u toe gestuurd, opdat hij uw omstandigheden zou kennen en uw hart zou bemoedigen, 9 met Onesimus, de trouwe en geliefde broeder, die er een van u is; zij zullen u alles bekendmaken wat hier gebeurt.

Tychikus betekent 'bevoorrecht' of 'gelukskind'.
Tychikus wordt voor het eerst genoemd in Handelingen 20:4, waar hij Paulus al vergezelde. Hier in de Efeze en in de Kolossenzen brief is hij nog steeds bij Paulus. Dit in tegenstelling tot vele anderen zo lees ik in 2 Timoteüs 4: 16. Ook wordt Tychikus genoemd in 2 Timoteüs 4: 12 en Titus 3: 12.

Tychikus is een geliefde broeder, trouwe dienaar en mede dienstknecht in de Heere van Paulus. Dat zal erg bemoedigend voor Paulus zijn geweest.
Dienaar is in het Grieks 'diakonos'. Hierin herken ik het woord 'diaken'.

Tychikus zal de situatie, waarin Paulus zich bevindt, aan de getrouwe gelovigen in Efeze doorgeven. Paulus heeft Tychikus met dat doel naar Efeze gestuurd; 2 Timoteüs 4: 12. Tychikus moest doorgeven wat er gebeurde en heeft waarschijnlijk de brieven meegenomen. Zo werden de getrouwe gelovigen getroost en bemoedigd en konden ze ook met Paulus mee leven.

'Zou vertroosten' is in de grondtekst 'parakalesê'. Het betekent: naast roepen, bemoedigen. Dit houdt mogelijk in dat Paulus de getrouwe gelovigen 'naast zich riep', om hetzelfde te doen als hij, namelijk te geloven in het geheimenis van Christus op de wijze die paste bij deze bedeling en die Paulus dus beschreven heeft in de Efeze brief; Efeze 1:9.

Paulus stuurde Timoteüs en Epafroditus naar de Filippenzen; Fil.2: 19, 25. En later werden Tychikus en Artemas naar Nikopolis, Kreta gestuurd; Titus 3: 12.

23 Vrede zij de broeders, en liefde met geloof, van God de Vader en van de Heere Jezus Christus.
24 De genade zij met allen die onze Heere Jezus Christus in onvergankelijkheid liefhebben. Amen.

Paulus begint de Efeze brief met: Efeze 1: 2 genade zij u en vrede van God, onze Vader, en van de Heere Jezus Christus.
Paulus begon en eindigt deze brief met mij en alle getrouwe gelovigen 'genade', vrede en liefde met geloof toe te wensen. Genade heeft te maken met het ontvangen van een gunst voor niets. Christus is mijn vrede. Mijn positie is IN Hem. Ik mag Christus kennen als Heer in mijn leven. Tot voor kort mochten de gelovigen Christus leren kennen als hun Messias die later hun Koning zou worden. Hier is dus sprake van een nieuwe positie en dat is in deze brief ook wel duidelijk geworden.

'Liefde met geloof van God de Vader en van de Here Jezus Christus'. Het gaat hier om Goddelijke liefde (agapé), zie ook Efeze 5: 25. Dat is liefde die boven de gewone menselijke liefde uitstijgt. Deze liefde is verbonden met het vertrouwen op Christus en het geloof van Christus. Het gaat niet om mijn geloof; vers 16.

Onvergankelijkheid is het Grieks 'aphtharsia'. Het betekent: onbederfelijkheid. Het komt van 'zonder', 'bederven', 'schenden' en 'verkwisten'. Alleen Paulus gebruikt dit woord in zijn brieven. Het komt o.a. voor in 2 Timoteüs 1: 10 en in Titus 2: 7. In dit laatste vers is het door 'oprechtheid' vertaald.

Ik mag de Here Jezus in onvergankelijkheid lief hebben. Voor mij betekent dit dat het nooit meer over gaat. Amen.

Geraadpleegde bronnen:

s4Dutch-GNT-2016Concordant Greek Text with Dutch interlinear


Debrief aan de Efeziërs” vers voor vers geschreven door H.B. Slagter. Dit boek is zeker de moeite waard om aan te schaffen en te gebruiken bij het bestuderen van de Efeze brief. 

Terug naarEfeze 1 Efeze 2 Efeze 3 Efeze 4 Efeze 5  Efeze 6

Geen opmerkingen:

Een reactie posten