Inleiding

Is het zo belangrijk hoe we de Bijbel lezen? Mijn ervaring is van wel. Ik was bijna gestrand in de tegenstrijdigheden in Gods Woord en de verschillende uitleggingen daarover. Staan er dan in de Bijbel teksten die elkaar tegenspreken? Ik heb ze wel gevonden. Neem bijvoorbeeld 1 Korinthe 7,26,29 en vergelijk dat met 1 Timotheüs 5:14. Ik weet wel dat je de teksten in het verband moet lezen, maar dan nog kwam ik er niet uit. In mijn studie "tegenstrijdigheden in de Bijbel" kun je lezen waar ik zoal tegenaan ben gelopen en hoe ik deze vermeende tegenstrijdigheden mag lezen.

In de verzen 1 Korinthe 1:10 en Filippenzen 2:2 spreekt de Bijbel over eensgezindheid. Als ik om mij heen kijk heb ik het idee dat we alles behalve eensgezind zijn. Over het werk van Christus denken we veelal wel hetzelfde, maar er zijn verder veel verschillen en dus ook veel groepen.

In de VISIE van januari 2014 wordt in “slijpsteen” gevraagd of werken aan kerkelijke eenheid verspilde energie is. 61 % vindt van niet, 39 % vindt van wel.

Ik denk dat veel van de verschillen te maken hebben met hoe we de Bijbel lezen.

Wat ik veel hoor en lees is dat wij tegenwoordig leven in en mogen bouwen aan het Koninkrijk van God. De Here Jezus wordt aanbeden als onze Koning. Maar is Christus op dit moment Koning? Hierover kun je lezen in mijn studie "De toekomst van de mens" deel 1 "Het Koninkrijk"

Maar om de bedoeling van het Koninkrijk goed te begrijpen raad ik je aan ook de andere delen van de studie te lezen. Daar vind je dan ook een een uitleg over "de hel", waar ik me aan gewaagd heb. Eén en ander hebben, naar mijn idee, met elkaar te maken.

"De hel" is een onderwerp waar we mee in onze maag zitten. Ongeveer 10 jaar geleden werd daar in diverse tijdschriften aandacht aan besteed. In het blad CV-Koers schreef een bekende Nederlander dat hij zou willen dat er een ander verhaal was dan "de hel". Bovendien werd het "ons nare geheimpje" genoemd.

Waar ik natuurlijk benieuwd naar ben is wat je van de studies vindt.

Studie: "Openbaring 1"

OPENBARING

In deze studie wil ik het boek Openbaring bestuderen. Er zijn diverse uitleggingen over Openbaring op internet en in de meesten gaat men er van uit dat in de zeven brieven de kerk geschiedenis beschreven staat. Maar het is maar de vraag of deze brieven hierover gaan. Ik ga tekst met tekst vergelijken en hoop zo een beetje inzicht in Openbaring te krijgen. Ik ga er niet vanuit dat deze studie volmaakt is.

Johannes heeft iets gezien en moet dit opschrijven. Voor Johannes is dit verleden tijd en daarom is het boek Openbaring in de verleden tijd geschreven. Maar ik geloof dat hetgeen Johannes heeft gezien toekomst is. Het is profetie; Openbaring 22: 19. Daarom schrijf ik mijn commentaar zoveel mogelijk in de onvoltooide tegenwoordige toekomende tijd: Het zal gebeuren.

Ik werk vanuit de Herziene Staten Vertaling, mist anders aangegeven. Ik maak gebruik van de grondtekst

De bronnen voor deze studie zijn: 
Het boek “Deze profetie” van de schrijver C.H. Welch.
Een artikel over engelen op de site “AMEN”. 
"Openbaring in vogelvlucht" ook te vinden op de site "AMEN".
Een artikel over "in de geest op de dag des Heeren" op de site "AMEN".
Het artikel "Inleiding tot het boek Openbaring" op de site "Kaleo"
Bijbelstudie van Bert Boersma "Het boek Openbaring" deel 1.

Alle bronnen gaan ook uit van een uitleg die tot stand komt door tekst met tekst te vergelijken.

Openbaring 1
Openbaring 1 is de inleiding op het hele boek Openbaring. Het viel mij op dat enkele teksten uit Openbaring 1 herhaald werden in Openbaring 22 vanaf vers 6. Ik geloof dat deze twee hoofdstukken op elkaar aansluiten. Ik heb deze teksten dan ook toegevoegd bij de betreffende tekst uit Openbaring 1.

1 Openbaring van Jezus Christus, die God Hem gegeven heeft om Zijn dienstknechten te laten zien wat spoedig moet geschieden, en die Hij door Zijn engel gezonden en aan Zijn dienstknecht Johannes te kennen heeft gegeven.
2 Deze heeft van het Woord van God getuigd en van het getuigenis van Jezus Christus, alles wat hij gezien heeft.

God geeft Openbaring van Jezus Christus, welke Hij via een engel, of een boodschapper zoals in de grondtekst staat, doorgeeft aan Johannes. Het is dus geen openbaring van Johannes zoals boven dit hoofdstuk staat in mijn Bijbel. Openbaring is in het grondtekst 'apokalupsis'. Het betekent: onthulling, openbaring, openbaar maken, manifestatie, verschijnen, optreden, verlichten, lossen. 

Jezus, is een eigennaam, en wel de Griekse omzetting van het Hebreeuwse Jehosjua (Jozua) of Jeschua. De tweede naam, Christus, is een titel, en wel de Griekse vertaling van het Hebreeuwse Masjiach (Messias), en betekent "gezalfde". De Joden gaven deze titel aan de heilbrengende koning uit het geslacht van David die zij verwachtten. De eerste christenen gaven hem aan Jezus van Nazareth, om daardoor aan te duiden dat zij Hem als Messias erkenden; Bron: Bijbels woordenboek.

Wat spoedig moet geschieden: Johannes krijgt, via een gezonden engel, te zien en te horen; vers 1, wat spoedig (grondtekst; in snelheid) gebeuren moet. Dit staat ook zo in Openbaring 22: 6 En hij zei tegen mij: Deze woorden zijn betrouwbaar en waarachtig. En de Heere, de God van de heilige profeten, heeft Zijn engel gezonden om Zijn dienstknechten te laten zien wat met spoed moet gebeuren.

Toen Johannes deze openbaring kreeg was het de bedoeling van God geweest dat het Koninkrijk spoedig zou aanbreken. 'Het Koninkrijk was nabij' zo lees ik voortdurend in de evangeliën. Maar door ongeloof van de Israëlieten kon dit Koninkrijk niet opgericht worden. Het werd uitgesteld tot de verre toekomst; Handelingen 28: 23 – 29. Dat is de reden dat ik er nu nog steeds op wacht en naar uit zie.

Dienstknecht is in de grondtekst 'doulos'. Het betekent: slaaf, bediende met een contract. Dat klopt wel in het geval van Johannes zo lees ik in vers 9. In Openbaring 22: 3 lees ik over meerdere dienstknechten.

Johannes. Zijn naam is de Griekse vorm van het Hebreeuwse 'Jochanan'. Het betekent: De HERE is genadig.
Johannes heeft van het Woord van God getuigd. Ik lees in: Hebreeën 1: 1 Nadat God voorheen vele malen en op vele wijzen tot de vaderen gesproken had door de profeten, heeft Hij in deze laatste dagen tot ons gesproken door de Zoon, 
Het betreft hier het evangelie en de profetie, de openbaring van Jezus Christus, welke God hem heeft laten zien en horen. Johannes heeft verder getuigd van Christus. Dat deed hij ook al in Johannes 21: 24. 
Alles wat hij gezien heeft: Zie vers 19.

3 Zalig is hij die leest en zijn zij die horen de woorden van de profetie, en die in acht nemen wat daarin geschreven staat, want de tijd is nabij.

Openb.22: 7, 10 En zie, Ik kom spoedig. Zalig is hij die de woorden van de profetie van dit boek in acht neemt. 10 En hij zei tegen mij: Verzegel de woorden van de profetie van dit boek niet, want de tijd is nabij.
Dan.12: 4 Maar u, Daniël, houd deze woorden geheim en verzegel dit boek tot de tijd van het einde. Velen zullen het onderzoeken en de kennis zal toenemen.

In het boek Daniël bleven deze woorden geheim en werden verzegeld tot de eindtijd. Die tijd is hier, in Openbaring, opnieuw nabij gekomen. Dat doet mij denken aan de evangeliën waar voortdurend geschreven wordt dat het Koninkrijk der hemelen of van God nabij is gekomen. Ik weet nu, uit vers 2, waarom de komst van dit Koninkrijk is uitgesteld. In de mogelijk zeer nabije toekomst zullen de woorden van Johannes weer relevant zijn.

Zalig is in het grondtekst 'makarios'. Het betekent: gelukkig, gezegend.
Degene die de voorspellende woorden lezen of horen, in acht nemen en er op letten, zijn zalig of gezegend temeer daar de tijd dringt.
Profetie is in het grondtekst 'propheteia'. Het betekent: voorspellen, voorzeggen. Deze betekenis impliceert dat het om de toekomst gaat.

4 Johannes aan de zeven gemeenten die in Asia zijn: genade zij u en vrede, van Hem Die is en Die was en Die komt, en van de zeven Geesten, Die voor Zijn troon zijn,

Johannes schrijft aan de zeven gemeenten in Asia. Hij groet hen. Op Wikipedia lees ik dat  Asia een Romeinse provincie in Turkije was. Dat was ook het gebied waar Paulus naar toe is gegaan om het evangelie van het komende Koninkrijk te brengen. Op één of andere manier zullen deze gemeenten in de toekomst weer 'speciaal' zijn. Deze zeven gemeenten komen terug in Openbaring 2 en 3. 

De gelovigen van deze gemeenten wordt genade en vrede toegewenst. 
In Romeinen 3: 20 – 24 lees ik:
20 Daarom zal uit werken van de wet geen vlees voor Hem gerechtvaardigd worden. Door de wet is immers kennis van zonde. 21 Maar nu is zonder de wet gerechtigheid van God geopenbaard, waarvan door de wet en de profeten is getuigd: 22 namelijk gerechtigheid van God door het geloof in Jezus Christus, tot allen en over allen die geloven, want er is geen onderscheid. 23 Want allen hebben gezondigd en missen de heerlijkheid van God, 24 en worden om niet gerechtvaardigd door Zijn genade, door de verlossing in Christus Jezus.

Deze verzen geven een beeld van 'genade'. Door Jezus Christus worden gelovigen gerechtvaardigd en verlost van hun zonden. Hier hoeven mensen geen prestaties, in de vorm van goed doen, voor te leveren. Het enige wat nodig is, is op dit Woord vertrouwen en geloven dat het waar is. Omdat ik dit heb kunnen geloven ervaar ik verlossing en vrijheid. Dit is Genade en geeft vrede, ook voor de gemeenten in Asia. Zie verder vers 5.

Hem Die is en Die was en Die komt: spreekt van Christus.
Hem die is: Christus is nu en op het moment van het schrijven van Johannes, boven in de hemelse gewesten; Handelingen 7: 56 en Kol.3: 1 Als u nu met Christus opgewekt bent, zoek dan de dingen die boven zijn, waar Christus is, Die aan de rechterhand van God zit.

En Die was: Christus is er altijd geweest; Joh.8: 58 Jezus zei tegen hen: Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u: Vóór Abraham geboren was, ben Ik.
Joh.17: 5 En nu verheerlijk Mij, U Vader, bij Uzelf, met de heerlijkheid die Ik bij U bezat voordat de wereld er was.

En Die komt: Christus was er tijdens de evangeliën. Daarna is Hij opgevaren lees ik in Handelingen 1: 9, 11. Christus zal in de toekomst terug komen wanneer het Koninkrijk der hemelen zal komen; Matth.24: 30 En dan zal aan de hemel het teken van de Zoon des mensen verschijnen; en dan zullen al de stammen van de aarde rouw bedrijven en zij zullen de Zoon des mensen zien, als Hij op de wolken van de hemel komt met grote kracht en heerlijkheid.

Zeven geesten: Komt alleen voor in Openbaring, namelijk in dit vers en verder in Openbaring 3: 1, 4: 5 en 5: 6. 
Openb.3: 1 Dit zegt Hij Die de zeven Geesten van God heeft en de zeven sterren:
Christus heeft de zeven Geesten. Zij bevinden zich voor Zijn troon.
Zeven: Dit is een veel voorkomend getal in de Bijbel. Het betekent: Vol zijn, voldaan zijn, genoeg hebben, rusten, ophouden. Bron: “Getallen in de Bijbel” van Dr. E.W. Bullinger. Die volheid zie ik terug in: 
Exodus 20: 10 maar de zevende dag is de sabbat van de HEERE, uw God. Dan zult u geen enkel werk doen,

In Openbaring 1: 4 gaat het dus over een volmaakt aantal geesten. Geest betekent: leven, wind, lucht, adem, blazen, engel of demon, goddelijk, de geest van Christus, de Heilige Geest. Mogelijk gaat het hier in Openbaring 1: 4 over engelen want ik lees in Psalm 104: 4 en in Hebreeën 1: 7 dat God Zijn engelen maakt tot geesten. 
Hebr.1: 7 En van de engelen zegt Hij weliswaar: Die Zijn engelen maakt tot geesten,
Er zijn 'goede' en 'boze' geesten, engelen zo lees ik in Daniël 10: 5 – 13, 20 en 21. Ik neem aan dat het hier om 'goede' engelen gaat omdat zij zich bevinden voor de troon van Christus. 

Maar het kan ook over de geesten van God, de Heilige Geest, gaan zo lees ik in: 
Openbaring 4: 5 En uit de troon kwamen bliksemstralen, donderslagen en stemmen. En er stonden zeven vurige fakkels te branden vóór de troon. Dit zijn de zeven Geesten van God.

5 en van Jezus Christus, Die de getrouwe Getuige is, de Eerstgeborene uit de doden en de Vorst van de koningen der aarde, Hem Die ons heeft liefgehad en ons van onze zonden gewassen heeft in Zijn bloed,

Johannes is nog steeds de zeven gemeenten aan het groeten. Hij wenst hun genade en vrede toe van Christus; vers 4. Hij gaat nu verder met zijn beschrijving over Christus. Christus zal de belangrijkste Koning aller tijden zijn, dus ik begrijp deze regels van lof.

Jezus Christus: Zie vers 1.
Getrouwe Getuige: Het gaat hier om een bloed getuige. Bloed was nodig voor de reiniging van mijn zonden: 
Kolossenzen 1: 14 In Hem hebben wij de verlossing, door Zijn bloed, namelijk de vergeving van de zonden.
Christus is getrouw geweest tot in de dood. Hij is dit altijd geweest en zal dit altijd zijn. Zie Openbaring 3: 14.

Eerstgeborene uit de doden: Ook in Kolossenzen 1: 18 lees ik over de Eerstgeborene uit de doden: 
En Hij is het hoofd van het lichaam, namelijk van de gemeente, Hij, Die het begin is, de Eerstgeborene uit de doden, opdat Hij in allen de Eerste zou zijn.

Dat Christus zou opstaan uit de doden wordt voorspeld in Mattheus 17: 9 en Markus 9: 9.
Dat Christus, als eerste, uit de doden is opgestaan lees ik in Handelingen 3: 15, 4: 2, 10: 41, 13: 30 en 34, 17: 3 en 31, Romeinen 4: 24, 6: 4, 9 en 13. Ik lees het in 1 Korinthe 15: 12 en 20, Galaten 1: 1, Efeze 1: 20, Kolossenzen 2: 12, 1 Thessalonicenzen 1: 10, 2 Timotheüs 2: 8, Hebreeën 13: 20, 1 Petrus 1: 3 en 21.
Deze hoeveelheid teksten is voldoende bewijs dat Christus ook werkelijk uit de doden is opgestaan. De discipelen zijn daar getuige van geweest: Handelingen 3: 15 maar de Vorst van het leven hebt u gedood, Die God uit de doden opgewekt heeft, waarvan wij getuigen zijn. Deze tekst is gelijk een link naar de volgende benaming van Christus:

Vorst van de koningen der aarde: Hosea 3: 4 Want de Israëlieten moeten veel dagen zonder koning en zonder vorst blijven, zonder offer en zonder gewijde steen, zonder efod en afgodsbeelden.
In Hosea 3: 4 lees ik dat Israël veel dagen zonder koning en vorst moet blijven. Dat is lang ook zo geweest. In 1948 is het land Israël weer opgericht maar dat betekent niet dat de grote Vorst al Koning is. Dat zal in de toekomst gebeuren.
Christus zal in de eerste plaats de Vorst, Overste (SV en grondtekst) zijn over alle koningen die er tot nu toe zijn geweest in het land Israël. Christus wordt de allerhoogste Koning.
Psalm 89: 28, 37, 38 28 Ja, Ík zal hem tot een eerstgeboren zoon maken, tot de allerhoogste van de koningen van de aarde.

Aarde is in de grondtekst 'ge'. En dat betekent: Land, aarde in de zin van grond. Het komt 66 keer voor in Openbaring. Vaak geeft men er de betekenis aan van de gehele aarde, alle landen. Het is erg verwarrend als er aarde staat, maar een land wordt bedoeld. Zie ook vers 7.

Hem Die ons heeft liefgehad: Het is o.a. Johannes die schrijft over de liefde en de verzoening van Christus voor mensen en de wereld. Wereld is in deze verzen in de grondtekst 'kosmos'. Dat betekent: geschapen werkelijkheid, tastbare wereld, schepping uit hemel en aarde, ordelijk ingericht, sieraad, wereld. Het gaat hier dan ook werkelijk om de mensen uit de hele wereld.
1 Joh.4: 9, 10 9 Hierin is de liefde van God aan ons geopenbaard, dat God Zijn eniggeboren Zoon in de wereld gezonden heeft, opdat wij zouden leven door Hem. 10 Hierin is de liefde, niet dat wij God lief hebben gekregen, maar dat Hij ons liefhad en Zijn Zoon zond als verzoening voor onze zonden.
Joh.3: 16 Want zo lief heeft God de wereld gehad, dat Hij Zijn eniggeboren Zoon gegeven heeft, opdat ieder die in Hem gelooft, niet verloren gaat, maar eeuwig leven heeft.

Zonden: Gods Woord kent zonden en zonde. Hier in dit vers gaat het over zonden. Zonden zijn het gevolg van de zonde. Met de zonde heeft ieder mens te maken; Rom.5: 12 Daarom, zoals door één mens de zonde in de wereld is gekomen, en door de zonde de dood, en zo de dood over alle mensen is gekomen, in wie allen gezondigd hebben.
Het gevolg van de zonde is de dood. Christus heeft met zijn dood de zonde overwonnen en de gevolgen van de zonde, de dood, teniet gedaan.
2 Timoteüs 1: 10 maar nu is geopenbaard door de verschijning van onze Zaligmaker, Jezus Christus, Die de dood tenietgedaan heeft, en het leven en de onvergankelijkheid aan het licht gebracht door het Evangelie,

Gewassen: In de HSV en de SV staat 'gewassen'. In de grondtekst staat 'losmakende'. Het woord wordt in andere verzen vertaald door losmaken, verbreken, afbreken, ontbinden, en verlossen. Christus heeft mij dus losgemaakt van mijn zonden in Zijn bloed. 

In Zijn bloed: Christus heeft de gelovigen verlost van hun zonden in Zijn Bloed. Dat kwam ik al tegen bij de 'getrouwe getuige' waar het om een 'bloedgetuige' gaat.
Hebr.9: 14 hoeveel te meer zal het bloed van Christus, Die door de eeuwige Geest Zichzelf smetteloos aan God geofferd heeft, uw geweten reinigen van dode werken om de levende God te dienen!
Col.1: 14 In Hem hebben wij de verlossing, door Zijn bloed, namelijk de vergeving van de zonden.
Rom.5: 9 Veel meer dan zullen wij, nu wij gerechtvaardigd zijn door Zijn bloed, door Hem behouden worden van de toorn.
Math. 26: 28 want dit is Mijn bloed, het bloed van het nieuwe verbond, dat voor velen vergoten wordt tot vergeving van zonden.
Jer.31: 31 Zie, er komen dagen, spreekt de HEERE, dat Ik met het huis van Israël en met het huis van Juda een nieuw verbond zal sluiten,
En dan gaat het over het bloed van het Nieuwe Verbond. Dit Nieuwe Verbond zal met het totale Israël gesloten zal worden. En zo zie ik dat het hier over Gods volk in het land Israël gaat wat in vers 6 bevestigd wordt.

6 en Die ons gemaakt heeft tot koningen en priesters voor God en Zijn Vader, Hem zij de heerlijkheid en de kracht in alle eeuwigheid. Amen.

Dit koninklijk priesterschap is geen roeping voor de gelovige heidenen uit de volkeren wat helaas wel vaak zo wordt uitgelegd. In Exodus 19: 6 wordt duidelijke geschreven dat de Israëlieten een heilig volk en een koninkrijk van priesters zullen zijn. Dit wordt bevestigd door 1 Petrus 1: 1 waar geschreven wordt aan de vreemdelingen in de verstrooiing o.a. in Asia. Het enige verstrooide volk waar Gods Woord over schrijft is het volk Israël. In 1 Petrus 1: 2 worden zij de uitverkorenen genoemd en zijn ze besprenkeld met het bloed van Christus. In 1 Petrus 2: 9 lees ik over dit volk als een een heilig volk, een koninklijk priesterschap. Zo ook in Openbaring 1: 6 en 20: 6.

Ex.19: 6 U dan, u zult voor Mij een koninkrijk van priesters en een heilig volk zijn. Dit zijn de woorden die u tot de Israëlieten moet spreken.
1 Petrus 1: 1, 2 1 Petrus, een apostel van Jezus Christus, aan de vreemdelingen in de verstrooiing in Pontus, Galatië, Kappadocië, Asia en Bithynië, 2 uitverkoren overeenkomstig de voorkennis van God de Vader, door de heiliging van de Geest, tot gehoorzaamheid en besprenkeling met het bloed van Jezus Christus: moge genade en vrede voor u vermeerderd worden.
1 Petrus 2: 9 Maar u bent een uitverkoren geslacht, een koninklijk priesterschap, een heilig volk, een volk dat God Zich tot Zijn eigendom maakte; opdat u de deugden zou verkondigen van Hem Die u uit de duisternis geroepen heeft tot Zijn wonderbaar licht,

In het boek Openbaring is het zover dat de dan levende Israëlieten zich bekeren en tot geloof komen. Daardoor kan eindelijk de vervulling van de belofte plaatsvinden, maar nu onder het Nieuwe Verbond. De uitverkorenen zullen als koningen en priesters regeren in Israël, het beloofde land.
Openb.5: 9b, 10 9b want U bent geslacht en hebt ons voor God gekocht met Uw bloed, uit elke stam, taal, volk en natie. 10 En U hebt ons voor onze God gemaakt tot koningen en priesters, en wij zullen als koningen regeren over de aarde (ge). (ge: is land; zie vers 5)
Openb.20: 6 Zalig en heilig is hij die deel heeft aan de eerste opstanding. Over hen heeft de tweede dood geen macht, maar zij zullen priesters van God en van Christus zijn, en zij zullen met Hem als koningen regeren, duizend jaar lang.

Heerlijkheid en de kracht. Zie ook 1 Petrus 4: 11 waar hetzelfde staat.
1 Petrus 4: 11 Als iemand spreekt, dan als iemand die de woorden van God spreekt; als iemand dient, dan als iemand die dient uit kracht die God schenkt; zodat God in alles verheerlijkt wordt door Jezus Christus. Hem komt de heerlijkheid en de kracht toe, tot in alle eeuwigheid. Amen.

In Openbaring 5: 13 lees ik dat alle schepsel dat in de hemel, op de aarde, onder de aarde en op de zee is, en alles wat daarin is Christus op dezelfde manier eren. In alle eeuwigheid. In de grondtekst staat: tot in de eeuwen van de eeuwen. Dit wijst op een alles overtreffende uitmuntendheid van de eeuwen.
We hebben minstens 5 eeuwen. 
In Galaten 1: 4 staat dat ik in de tegenwoordige slechte wereld (grondtekst: eeuw) leef. 
Efeze 2: 7 zegt dat er eeuwen komen. Dit is meervoud, dus dat duidt op minstens 2 eeuwen. 
Net als in Prediker 2: 10 waar het over eeuwen die voor ons geweest zijn gaat.
Gal.1: 4 de tegenwoordige slechte wereld,
Ef.2: 7 opdat Hij in de komende eeuwen...
Pred.1: 10 In de eeuwen die voor ons geweest zijn, is het er al geweest.

Amen: Het is zo. 

7 Zie, Hij komt met de wolken, en elk oog zal Hem zien, ook zij die Hem doorstoken hebben. En alle stammen van de aarde zullen rouw over Hem bedrijven. Ja, amen.

Zacharia 12: 10 Maar over het huis van David en over de inwoners van Jeruzalem zal Ik de Geest van de genade en van de gebeden uitstorten. Zij zullen Mij aanschouwen, Die zij doorstoken hebben. Zij zullen over Hem rouw bedrijven, als met de rouwklacht over een enig kind; en zij zullen over Hem bitter klagen, zoals men bitter klaagt over een eerstgeborene.
Matth.24: 30 En dan zal aan de hemel het teken van de Zoon des mensen verschijnen; en dan zullen al de stammen van de aarde rouw bedrijven en zij zullen de Zoon des mensen zien, als Hij op de wolken van de hemel komt met grote kracht en heerlijkheid.
Dan.7: 13, 14 13 Ik keek toe in de nachtvisioenen, en zie, er kwam met de wolken van de hemel Iemand als een Mensenzoon. Hij kwam tot de Oude van dagen en men deed Hem voor Zijn aangezicht naderbij komen. 14 Hem werd gegeven heerschappij, eer en koningschap, en alle volken, natiën en talen moesten Hem vereren. Zijn heerschappij is een eeuwige heerschappij, die Hem niet ontnomen zal worden, en Zijn koningschap zal niet te gronde gaan.

In Zacharia 12: 10 en Mattheus 24: 30 staat ongeveer hetzelfde als in Openbaring 1: 7. Mooi om te zien hoe Gods Woord zichzelf bevestigd. Daniël 7: 13 en 14 gaat over de komst van Christus als mensenzoon. De Oude van dagen (de Heere, Jahweh) geeft Hem heerschappij en het Koningschap. Zie ook vers 14.  Die heerschappij is een eeuwige heerschappij, oftewel een heerschappij van de eeuw van het 1000 jarig Koninkrijk. 

Daniël schrijft over de 'Ouden van dagen'. Interessant is dat ik in de grondtekst lees: de Transferrer of days. Dat betekent: verplaatser van dagen. Op de site “Goed Bericht”  lees ik daar een mooie uitleg over. In het kort komt het er op neer dat 'De Verplaatser' van dagen Zich verplaats van God naar Zijn Zoon, Christus. Dat is wat Daniël ook beschrijft in deze twee verzen.

Christus is in Handelingen 1: 11 opgenomen naar de hemel en Hij zal ook zo terugkomen. Die belofte lees ik tevens in Handelingen 3: 20 en hier in vers 7.
Hand.1: 11 die ook zeiden: Galilese mannen, waarom staat u omhoog te kijken naar de hemel? Deze Jezus, Die van u opgenomen is naar de hemel, zal op dezelfde wijze terugkomen als u Hem naar de hemel hebt zien gaan.
Hand.3: 19, 20, 21 19 Kom dus tot inkeer en bekeer u, opdat uw zonden uitgewist worden en er tijden van verkwikking zullen komen van het aangezicht van de Heere, 20 en Hij Jezus Christus zal zenden, Die tevoren aan u verkondigd is. 21 Hem moet de hemel ontvangen tot de tijden waarin alle dingen worden hersteld, waarover God gesproken heeft bij monde van al Zijn heilige profeten door de eeuwen heen.

Hij komt met de wolken. Christus zal terug komen op de Olijfberg zo lees ik in Zacharia 14: 4. Daaraan vooraf vindt de grote verdrukking plaats. Deze verdrukking wordt de dag des Heren genoemd; zie Openbaring 1: 10. In Openbaring 7: 14 lees ik over degenen die uit deze verdrukking komen. In Zacharia vind ik een beschrijving van die verdrukking. 

Zach.14: 1a – 5 1a Zie, er komt een dag voor de HEERE 2 Dan zal Ik alle heidenvolken verzamelen voor de strijd tegen Jeruzalem. De stad zal ingenomen worden, de huizen zullen geplunderd, en de vrouwen zullen verkracht worden. De helft van de stad zal in ballingschap wegtrekken, maar het overige van het volk zal niet uitgeroeid worden uit de stad. 3 Dan zal de HEERE uittrekken en tegen die heidenvolken strijden, zoals de dag dat Hij streed, op de dag van de strijd. 4 Op die dag zullen Zijn voeten staan op de Olijfberg, die voor Jeruzalem ligt, ten oosten ervan. Dan zal de Olijfberg in tweeën gespleten worden naar het oosten en naar het westen. Er zal een zeer groot dal ontstaan, als de ene helft van de berg naar het noorden zal wijken en de andere helft ervan naar het zuiden. 5 Dan zult u vluchten door het dal van Mijn bergen, want het dal tussen de bergen zal reiken tot Azal. Ja, u zult vluchten, zoals u gevlucht bent voor de aardbeving in de dagen van Uzzia, de koning van Juda. Dan zal de HEERE, mijn God, komen: al de heiligen met U!

Elk oog zal Hem zien. Mogelijk komt het op de TV. In ieder geval zullen de ogen, van degenen die Hem doorstoken hebben, Hem zienWie dat zijn lees ik in Zacharia 12: 10, namelijk het huis van David en de inwoners van Jeruzalem. Kortom Israëlieten.
Zach.12: 10 Maar over het huis van David en over de inwoners van Jeruzalem zal Ik de Geest van de genade en van de gebeden uitstorten. Zij zullen Mij aanschouwen, Die zij doorstoken hebben. Zij zullen over Hem rouw bedrijven, als met de rouwklacht over een enig kind; en zij zullen over Hem bitter klagen, zoals men bitter klaagt over een eerstgeborene.

Maar zullen ook alle stammen van de aarde, alle mensen, rouwen over Christus? Nee, dat zal niet zo zijn. Het gaat hier over alle stammen van het land Israël. Aarde is in de grondtekst 'ge'. En dat betekent: land. Het is altijd zo geweest, in Gods Woord, dat er sprake was van 12 stammen van Israël. Dit wordt bevestigd door Zacharia 12: 10a. 

Amen: zie vers 6.

8 Ik ben de Alfa en de Omega, het Begin en het Einde, zegt de Heere, Die is en Die was en Die komt, de Almachtige.

'Ik ben de Alfa en de Omega, het Begin en het Einde' komt ook voor in Openbaring 21: 6. In Openbaring 22: 13 is 'de Eerste en de Laatste' toegevoegd. Alfa is de eerste letter van het Griekse alfabet en Omega de laatste letter. Het begin en het einde staat in dit vers niet in de grondtekst zie ook vers 11.

Heere: In de grondtekst staat in het Grieks: kurios ho theos. Dat betekent 'Heer de God'. Heere wordt in het Hebreeuws vertaald door Jahweh of Jehova . God is in het Hebreeuws 'Elohim'.

Die is en Die was en Die komt: Zie vers 4 waar deze uitdrukking ook staat alsmede in Openbaring 11: 17.
Dit vers is een grote waarheid van Christus. Hij is Alles en Almachtig.

De Almachtige: Is in het Hebreeuws 'Shadday'. 'Almachtige' en 'Almachtigen' komt 9 keer voor in het boek Openbaring. Behalve in 2 Korinthe 6: 18 komt het verder voor in het Oude Testament. Daarmee wordt het verband tussen het Oude Testament en Openbaring benadrukt. Tevens wordt het verband in beide gedeelten tussen het Volk Israël duidelijk.

9 Ik, Johannes, die ook uw broeder ben en deelgenoot in de verdrukking en in het Koninkrijk en in de volharding van Jezus Christus, was op het eiland genaamd Patmos, omwille van het Woord van God en het getuigenis van Jezus Christus.

Johannes: Zie vers 1. Johannes is een broeder van degenen aan wie hij deze brief schrijft. Hij deelde in de verdrukking, in de verwachting van de komst van het Koninkrijk en in de volharding van Jezus Christus. In die volharding hebben ze elkaar hard nodig. Het zal de grootste en zwaarste verdrukking zijn die Israël nog mee moet maken.

Johannes werd verbannen naar Patmos om het Woord van God en het getuigenis van Jezus Christus. Op Patmos heeft hij in het jaar 95  het boek Openbaring geschreven. Johannes mocht opnieuw de hoop en de volharding van Jezus Christus onder de aandacht brengen. Dat was belangrijk omdat het volk Israël hun tempel vernietigd had zien worden in 70 na Christus. Dat was overigens allemaal voorspeld door de Here Jezus in Mattheus 24: 1, 2.  
Ook was voorzegd in Handelingen 28: 26 – 28 dat het Koninkrijk nog niet opgericht kon worden door ongeloof van het volk Israël. Al gaat het volk nu op in de andere volkeren en is het LO-AMMI geworden voor God, de beloftes en profetieën blijven voor hen gelden en zullen in de toekomst vervult worden. 

Woord van God en het getuigenis van Jezus Christus: Zie ook Openbaring 1: 2 en 5. Johannes 7: 14 wordt hier waarheid: Ik heb hun Uw woord gegeven, en de wereld heeft hen gehaat, omdat zij niet van de wereld zijn, zoals Ik niet van de wereld ben. Het heeft alles te maken met de verdrukking in de wereld.

10 Ik was in de geest op de dag des Heeren en ik hoorde achter mij een luide stem, als van een bazuin,

In de geestIn de grondtekst staat: 'Johannes werd in geest'. Johannes kreeg de woorden, die hij op moest schrijven, ingeblazen door God. Zie vers 4 voor de betekenis van 'geest'.

Ook Ezechiël heeft iets dergelijks meegemaakt lees ik in: Ez.11: 1, 5, 24 1 Toen hief de Geest mij op en bracht mij.....5 Toen viel de Geest van de HEERE op mij en Hij zei tegen mij: Zeg: Zo zegt de HEERE:.....24 Daarop hief de Geest mij op en bracht mij in een visioen door de Geest van God.....Ez.37: 1 De hand van de HEERE was op mij, en de HEERE bracht mij in de geest naar buiten en zette mij neer, midden in een vallei. Die lag vol beenderen.

Johannes werd meegevoerd op (grondtekst: in) de dag des Heeren, zie ook vers 7. Er zijn uitleggers die verklaren dat hier de zondag mee wordt bedoeld. Maar als ik de bijbehorende teksten lees dan kom ik tot de conclusie dat hier absoluut niet de zondag bedoeld kan worden.
'Dag des Heren' komt 18 keer voor in Gods Woord, namelijk o.a. in Joël 1: 15, 2: 1, 2 en 11, 3: 14, Obadja: 15 en 16, Sefanja 1: 14 – 16, Zacharia 14: 1 – 11 en Jes.13: 6, 9 6 Weeklaag, want de dag van de HEERE is nabij; als een verwoesting van de Almachtige komt hij. 9 Zie, de dag van de HEERE komt, meedogenloos, met verbolgenheid en brandende toorn, om van het land een woestenij te maken en zijn zondaars eruit weg te vagen.

Het zijn geen teksten waar ik blij van kan worden. In het Nieuwe Testament komt de 'dag des Heren' voor in Handeling 2: 20, wat een aanhaling is uit Joël 2: 31, in 1 Thessalonicenzen 5: 2 en in 2 Petrus 3: 10 Maar de dag des Heeren zal komen als een dief in de nacht. Dan zullen de hemelen met gedruis voorbijgaan en de elementen brandend vergaan, en de aarde (ge) en de werken daarop zullen verbranden.
De 'dag des Heren' is een periode van toorn, oordeel en verwoesting over het land (ge) Israël. Johannes moest deze 'dag' onder de aandacht brengen. Hij hoorde een luide stem als van een bazuin.

Luide stem is in de grondtekst 'phônên megas'. Dit betekent: 'grote stem'. En zo wordt het ook vertaald in de Staten Vertaling. In Deuteronomium 5: 22 heeft Jahweh met grote stem de verordeningen en bepalingen aan Mozes verteld. Mozes geeft dit door aan het volk Israël in de verzen 6 – 22. 
De Here Jezus sprak ook regelmatig met een luide megastem, o.a. in Mattheus 26: 47 en 50, Markus 15: 34 en 37. Verder komt het 18 keer voor in het boek Openbaring. 

Het is een geluid als van een bazuin: Exodus 19: 19 Het bazuingeschal werd gaandeweg zeer sterk. Mozes sprak en God antwoordde hem met een stem.
Bazuinen komen meer voor in de Bijbel, vooral in het Oude Testament en Openbaring. Wederom zie ik dat de geschiedenis van het volk Israël in het Oude Testament verbonden wordt met Openbaring. De 'bazuin teksten' die voorkomen in Mattheus 24: 31, 1 Korinthe 15: 52 en 1 Thessalonicenzen 4: 16 hebben te maken met het bijeenroepen van uitverkorenen  en de opstandingen bij het geluid van de laatste bazuin.
1 Kor.15: 52 in een ondeelbaar ogenblik, in een oogwenk, bij de laatste bazuin. Immers, de bazuin zal klinken en de doden zullen als onvergankelijke mensen opgewekt worden, en ook wij zullen veranderd worden.
1 Thes.4: 16 Want de Heere Zelf zal met een geroep, met de stem van een aartsengel en met een bazuin van God neerdalen uit de hemel. En de doden die in Christus zijn, zullen eerst opstaan.

11 die zei: Ik ben de Alfa en de Omega, de Eerste en de Laatste, en: Wat u ziet, schrijf dat op een boekrol en stuur het aan de zeven gemeenten die in Asia zijn: naar Efeze, naar Smyrna, naar Pergamus, naar Thyatira, naar Sardis, naar Filadelfia en naar Laodicea.

De luide megastem uit vers 10 zei: Ik ben de Alfa en de Omega, de Eerste en de Laatste. Dit gedeelte van vers 11 komt niet in de grondtekst voor. Ik heb de diverse vertalingen er op nageslagen. Het staat niet in de vertaling van het Nieuwe Testament geschreven door J.N. Darby, niet in de Willibrord vertaling, niet in mijn Friese Bijbel, niet in de NBG en de NBV en niet in de Naardese Bijbel. Dit geld ook voor vers 8 waar in de SV en HSV 'het Begin en het Einde' is toegevoegd. C.H. Welch haalt dit gedeelte in vers 11 alsmede in vers 8 ook niet aan in zijn boek ”Deze Profetie”. De reden waarom alleen de SV en de HSV dit toegevoegd heeft is mij niet duidelijk. In Openbaring 21: 6 en 22: 13 komen deze uitdrukkingen wel in de grondtekst en alle vertalingen die ik genoemd heb voor.

Johannes moest opschrijven wat hij zag, zie ook vers 1. Wat hij zag volgt in de volgende verzen. Johannes moest de boekrol sturen naar de zeven gemeenten in Asia, zie vers 4. Die gemeenten worden uitvoerig beschreven in Openbaring 2 en 3.

12 En ik keerde mij om, om de stem te zien die met mij had gesproken. En toen ik mij had omgekeerd, zag ik zeven gouden kandelaren.

Natuurlijk wilde Johannes de persoon zien die bij de luide megastem hoorde. Maar in plaats van een persoon ziet hij eerst zeven gouden kandelaren. Hiermee begint het visioen wat Johannes door mag geven en het gaat door tot en met vers 16. Dit visioen heeft veel overeenkomsten met Daniël 10. Ik voeg die verzen uit Daniël toe aan het betreffende vers uit Openbaring.

Die zeven gouden kandelaren worden ook genoemd in vers 20 waar ze beschreven worden als zeven gemeenten. Die zeven gemeenten ben ik tegen gekomen in vers 4 en vers 11 waar ze bij naam genoemd worden. Ik zie de zeven kandelaren ook in vers 13 en in Openbaring 2: 1. Daar gaat het over 'Hij die te midden van de zeven kandelaren wandelt'.  Zeven kandelaren, het volmaakte aantal. In mijn online Bijbels Woordenboek lees ik: “De gouden kandelaar in het heilige deel van de tabernakel heet in het Hebreeuws menora. Hij was gemaakt van gedreven werk, dus van binnen hol, en helemaal van goud. Daarom heet hij in Exodus 31:8; 39:37; Lev. 24:4 "de loutere kandelaar".

13 En te midden van de zeven kandelaren zag ik Iemand Die op de Zoon des mensen leek, gekleed in een gewaad tot op de voeten, en op de borst omgord met een gouden gordel;

Dan.7: 13 Ik keek toe in de nachtvisioenen, en zie, er kwam met de wolken van de hemel Iemand als een Mensenzoon.
Dan.10: 5 Ik sloeg mijn ogen op en zag, en zie, er was een Man, gekleed in linnen, Zijn heupen omgord met het fijne goud uit Ufaz.

Daniël ziet in een nachtvisioen Iemand als een mensenzoon. Daniël ziet dezelfde Persoon als Johannes. Midden in die zeven kandelaren ziet Johannes, in de geest; vers 10, Iemand Die op de Zoon des mensen leek. Johannes beschrijft die Iemand. Hij laat iets van de heerlijkheid van de Zoon des mensen zien door middel van de kleding die Hij draagt, namelijk een lang gewaad en een gouden gordel.

In Mattheus 24 en 25 komt 'Zoon des mensen 7 keer voor. En al die 7 keer heeft Hij te maken met de parousia (= aanwezigheid, meestal vertaal met komst), de grote verdrukking, de dagen van Noach, de troon der heerlijkheid en het oordeel over de volkeren. Dit zijn onderwerpen die ook in het boek Openbaring voorkomen.

Lang gewaad. In Markus 16: 5 draagt een engel een lang gewaad. Priesters en koningen droegen ook lange gewaden.
Gouden gordel komt voor in dit vers en in Openbaring 15: 6 waar de zeven engelen ook omgord zijn met gouden gordels. De priesters, Johannes de Doper en Paulus droegen een gordel. In mijn online Bijbels Woordenboek staat: Een gordel was vaak zeer kostbaar, een sieraad voor mannen”.

14 en Zijn hoofd en haar waren wit, als witte wol, als sneeuw, en Zijn ogen waren als een vuurvlam,

Dan.7: 9 Ik keek toe totdat er tronen werden geplaatst, en de Oude van dagen Zich neerzette. Zijn gewaad was wit als sneeuw en het haar van Zijn hoofd als zuivere wol. Zijn troon waren vuurvlammen en de wielen ervan waren laaiend vuur. Dan.10: 6a Zijn lichaam was als turkoois, Zijn gezicht als het uiterlijk van de bliksem, Zijn ogen als vuurfakkels,

De beschrijving van de 'Ouden van dagen' in Daniël 7: 7 lijkt op de beschrijving van Johannes over de Zoon des mensen; vers 13, met een wit hoofd en wit haar, als witte wol, als sneeuw. In Jesaja 1: 18 lees ik dat onze zonden wit zullen worden als sneeuw en (witte) wol. De Oude van dagen (de Heere, Jahweh) en Christus zijn zonder zonden.

Zijn ogen waren als een vuurvlam. Vuur is een beeld van oordeel. Dat zie ik o.a. in Openbaring 18: 8 Daarom zullen op één dag haar plagen komen: dood, rouw en honger, en met vuur zal zij verbrand worden, want sterk is de Heere God, Die haar oordeelt. De reine witte Zoon des mensen komt in Openbaring o.a. om te oordelen.

15 en Zijn voeten waren als blinkend koper, gloeiend gemaakt in een oven, en Zijn stem klonk als het geluid van vele wateren.

Ez.1: 7  Hun voeten waren rechte voeten en hun voetzolen waren als de voetzolen van een kalf, glinsterend als de schittering van gepolijst koper.
Dan.10: 6b Zijn armen en Zijn voeten als de glans van gepolijst koper en het geluid van Zijn woorden als het geluid van een menigte.

Blinkend koper. In Ezechiël en Daniël lees ik over gepolijst koper. Johannes beschrijft hier de Zoon des mensen met voeten als blinkend koper. De tabernakel en de voorwerpen in de tabernakel waren deels gemaakt van koper lees ik o.a. in Exodus 25: 3, Exodus 27 en 38.

Zijn stem. In de grondtekst staat 'de stem van hem'. Dat is in het Grieks 'hê phônê autou'.

Klonk als het geluid van vele wateren. Klonk Zijn stem in vers 10 luid als een bazuin, hier klinkt Zijn stem als het geluid van vele wateren. In Ezechiël 43: 2 wordt het geluid van de God van Israël in verband gebracht met het ruisen van vele wateren en Zijn heerlijkheid.
Ez. 43: 2 En zie, de heerlijkheid van de God van Israël kwam uit de richting van het oosten, en Zijn geluid was als het bruisen van machtige wateren, en de aarde werd verlicht vanwege Zijn heerlijkheid.

16 En Hij had zeven sterren in Zijn rechterhand en uit Zijn mond kwam een tweesnijdend scherp zwaard; en Zijn gezicht was zoals de zon schijnt in haar kracht.

De zeven sterren komen ook voor in Openbaring 2: 1 en 3: 1. In vers 20 staat dat de zeven sterren de zeven engelen van de gemeenten zijn. In de grondtekst staat boodschapper. Het is maar de vraag of in die gemeenten werkelijk een engel, zoals ik mij dat voorstel, bedoeld wordt. Het kan ook degene zijn die door Christus als een boodschapper wordt gezien. Aan die boodschapper mag Johannes, als boodschapper van Christus, de openbaringen dan weer verder doorgeven in Openbaring 2 en 3. 

Iemand Die op de Zoon des mensen leek; vers 13, houd de zeven sterren in Zijn rechterhand. Lees hierbij Genesis 48: 13 – 2. De rechterhand van Jakob zegent de jongste zoon van Jozef, Efraïm, en hij krijgt de belangrijkste zegen.

Tweesnijdend scherp zwaard. In Hebreeën 4: 12 en Efeze 6: 17 lees ik dat het zwaard een beeld is van het Woord van God. Hebr.4: 12 want het Woord van God is levend en krachtig en scherper dan enig tweesnijdend zwaard, en het dringt door tot op de scheiding van ziel en geest, van gewrichten en merg, en het oordeelt de overleggingen en gedachten van het hart. Ef.6: 17 En neem het zwaard van de Geest, dat is Gods Woord,
Het zwaard komt ook voor in Openbaring 2: 12 en 16, waar het gebruikt wordt in een mondelinge (geestelijke?) oorlog: Op.2: 16 Bekeer u. En zo niet, dan kom Ik spoedig bij u en zal Ik tegen hen oorlog voeren met het zwaard van Mijn mond.

Zijn gezicht was zoals de zon schijnt in haar kracht. In Mattheus 19: 2 lees ik: 2 En Hij werd voor hun ogen van gedaante veranderd; Zijn gezicht straalde als de zon en Zijn kleren werden wit als het licht. Deze tekst, die gaat over de verheerlijking van de Here Jezus op de berg, sluit aan bij dit vers uit Openbaring 1: 16 en bij de gedaante die Johannes hier beschrijft. Petrus zegt daarover in: 2 Petrus 1: 16c – 18 maar wij zijn ooggetuigen geweest van Zijn majesteit. 17 Want Hij heeft van God de Vader eer en heerlijkheid ontvangen, toen een stem als deze van de verheven heerlijkheid tot Hem kwam: Dit is Mijn geliefde Zoon, in Wie Ik Mijn welbehagen heb. 18 En deze stem hebben wij gehoord, toen deze vanuit de hemel kwam, terwijl wij met Hem op de heilige berg waren.

17 En toen ik Hem zag, viel ik als dood aan Zijn voeten, en Hij legde Zijn rechterhand op mij en zei tegen mij: Wees niet bevreesd, Ik ben de Eerste en de Laatste,

Openb.22: 8b En toen ik ze gehoord en gezien had, viel ik neer om te aanbidden voor de voeten van de engel die mij deze dingen liet zien.
Dan.10: 8, 9, 10, 12 8 Toen ik dat grote visioen zag, bleef er in mij geen kracht over. 9 viel ik in een diepe slaap op mijn gezicht, en met mijn gezicht op de grond. 10 En zie, een hand raakte mij aan en maakte dat ik bevend op mijn handen en knieën steunde. 12 Toen zei hij tegen mij: Wees niet bevreesd,
Ezechiël1: 28c  Toen ik dat zag, wierp ik mij met mijn gezicht ter aarde, en ik hoorde de stem van Iemand Die sprak.

Het is niet verwonderlijk dat Johannes als dood aan de voeten van de Mensenzoon viel, Die zoveel heerlijkheid uitstraalt. Daniël viel met zijn gezicht op de grond in een diepe slaap bij het zien van een Man in Daniël 10: 5. En in vers 15 werd Daniël stom en sloeg met zijn aangezicht ter aarde vanwege het gesprek met de Man. Ezechiël overkwam hetzelfde. Toen Job met de Here, Jahweh, sprak verachtte hij zichzelf en had berouw in stof en as; Job 42: 1 – 6. Lees ook Jesaja 6: 5.
De Mensenzoon legde Zijn rechterhand; vers 16, op Johannes en zei: Wees niet bevreesd. Dit gebeurde ook bij Daniël.

Ik ben de Eerste en de Laatste, zie ook vers 8 en 11. Verder staat deze uitdrukking in Openbaring 2: 8 waar er aan toegevoegd is: Die dood is geweest en weer levend is geworden: Christus is de eerste die uit de dood is opgestaan, zie vers 5. In Openbaring 22: 13 is gevoegd: Ik ben de Alpha en de Omega. Alpha is de eerste letter uit het Griekse alfabet en omega de laatste.

Zie ook drie teksten in Jesaja waar de Heere, Jahweh, de titel gebruikt voor Zichzelf in verband met afgoden. God deelt Zijn heerlijkheid met niemand anders, behalve met Zijn Zoon Jezus Christus zoals hier in openbaring gebeurt.
Jes.41: 4 Ik, de HEERE, Die de Eerste ben, en bij de laatsten ben Ik Dezelfde. Jes.44: 6 Zo zegt de HEERE, de Koning van Israël, zijn Verlosser, de HEERE van de legermachten: Ik ben de Eerste en Ik ben de Laatste, en buiten Mij is er geen God. Jes.48: 11c, 12 11c Ik zal Mijn eer aan geen ander geven. 12 Luister naar Mij, Jakob, Israël, Mijn geroepene: Ik ben Dezelfde, Ik ben de Eerste, ook ben Ik de Laatste.

18 en de Levende, en Ik ben dood geweest en zie, Ik ben levend tot in alle eeuwigheid. Amen. En Ik heb de sleutels van het rijk van de dood en van de dood zelf.

In vers 17 haalde ik het al aan in verband met Openbaring 2: 8 waar staat dat Christus de levende is die dood is geweest. Hij is de eerste die uit de dood is opgestaan staat in vers 5. Daardoor heeft Hij de sleutels van het rijk van de dood en de dood. Sleutels wijzen op autoriteit. Christus heeft de dood door Zijn opstanding overwonnen.

Tot in alle eeuwigheid. Amen. In de grondtekst staat: Levend ben ik tot in de eeuw van de eeuw. Zie verder vers 6. Christus leeft tot in de eeuw van het 1000 jarig Koninkrijk en daarna.

Van het rijk van de dood. Met het rijk van de dood wordt het graf  bedoeldHet rijk van de dood is in het grondtekst: Hadou. Ik ken dat woord van het Griekse 'hades'.
Van de dood zelf. Dood gaan is sterven  De gehele mens sterft. Dood is in de grondtekst: Nekros. Ik weet dat necrose 'dood weefsel' betekent.

In de Romeinen en in de 1e Korinthe brief lees ik dat Christus de dood heeft overwonnen en teniet zal doen.
Rom.6: 9 Wij weten toch dat Christus, nu Hij is opgewekt uit de doden, niet meer sterft. De dood heerst niet meer over Hem.
1 Kor.15: 20 20 Maar nu, Christus ís opgewekt uit de doden en is de Eersteling geworden van hen die ontslapen zijn. 21 Want omdat de dood er is door een mens, is ook de opstanding van de doden er door een Mens. 22 Want zoals allen in Adam sterven, zo zullen ook in Christus allen levend gemaakt worden. 23 Ieder echter in zijn eigen orde: Christus als Eersteling, daarna wie van Christus zijn, bij Zijn komst. 24 Daarna komt het einde, wanneer Hij het koningschap aan God en de Vader heeft overgegeven, wanneer Hij alle heerschappij en alle macht en kracht heeft tenietgedaan. 25 Want Hij moet Koning zijn, totdat Hij alle vijanden onder Zijn voeten heeft gelegd. 26 De laatste vijand die tenietgedaan wordt, is de dood.

19 Schrijf nu op wat u hebt gezien, en wat is, en wat hierna zal geschieden.

Dan.10: 14 Ik ben gekomen om u inzicht te laten krijgen in wat uw volk in later tijd zal overkomen, want er is nog een visioen voor die dagen.

Als ik vers 19 in de grondtekst opzoek lees ik: Schrijf dan welke (dingen) jij waarnam, en welke (dingen) zij zijn, en welke (dingen) op het punt staan (te) worden na deze (dingen).

Wat u hebt gezien: Wat Johannes gezien had staat in Openbaring 1 beschreven, o.a. de zeven gouden kandelaren; vers 12, Iemand als een Mensenzoon; vers 13, die hij beschrijft in de verzen 13 – 16. Hij zag zeven sterren in de rechterhand van de Mensenzoon en een tweesnijdend scherp zwaard in Zijn mond; vers 16.

En wat is: Over het algemeen wordt geleerd dat hiermee de zeven gemeenten worden bedoeld uit Openbaring 2 en 3, waarvan men dan zegt dat het in die gemeenten over de kerkgeschiedenis gaat. Maar hoe kan ik deze uitleg controleren? Ik moet in de kerkgeschiedenis duiken. Dat is een enorme klus is en laat bovendien veel mensen werk zien.

Als ik de grondtekst erbij neem dan zie ik dat 'wat is' betekent dat Johannes moet uitleggen wat het is dat hij gezien heeft in de verzen 13 tot en met 18. En daarmee begint hij direct in vers 20. En zo wordt het ook uitgelegd in het boek “Deze profetie” geschreven door C.H. Welch. De woorden 'wat spoedig moet geschieden' van vers 1 en het woord 'profetie' van vers 2 bevestigen dat het om de toekomst gaat.

En wat hierna zal geschieden: Dit komt overeen met het visioen van Daniël wat over die toekomst (die = toekomst) gaat zoals de grondtekst laat zien. Johannes moet beschrijven wat er gaat gebeuren in de 'dag des Heren' zo las ik in vers 10.

20 Het geheimenis van de zeven sterren die u in Mijn rechterhand hebt gezien, en van de zeven gouden kandelaren is: de zeven sterren zijn de engelen van de zeven gemeenten, en de zeven kandelaren die u hebt gezien, zijn de zeven gemeenten.

Zeven sterren: Dit zijn de engelen of boodschappers; vers 16. Iemand als een mensenzoon; vers 13, dat is Christus, hield de zeven sterren in Zijn rechterhand.

Die u hebt gezien: zie vers 19 waar staat: “Schrijf nu op wat u hebt gezien, en wat is”. Johannes krijgt de opdracht om de uitleg te geven over de dingen die hij heeft gezien. Dat doet hij dan hier in vers 20. Deze beelden komen verderop in Openbaring regelmatig voor.
De Here Jezus houd de zeven engelen in Zijn rechterhand; vers 16 en 17. Zie ook Openbaring 2: 1.
De zeven gouden kandelaren worden ook in vers 12 genoemd. Het zijn de zeven gemeenten.

Samenvatting:
Johannes mag doorgeven wat spoedig gaat gebeuren. Het boek is toekomst en niet alleen toen Johannes het in 95 na Christus opschreef. Het is nog steeds 'toekomst'. Dat 'spoedig' is nu ongeveer 2000 jaar verlaat. In de Evangeliën en Handelingen was er al sprake van het nabijgekomen Koninkrijk. Als ik om me heen kijk zie ik dat het Koninkrijk van God met Christus als zichtbare Koning nog niet is gekomen. De verdrukkingen die aan de oprichting van het Koninkrijk vooraf gaan zijn er ook nog niet geweest, ondanks alle oorlogen en vervolgingen.  

Maar het zal wel gebeuren. De Messias zal voor Israël terugkomen als het volk tot bekering en geloof komt. Daaraan vooraf zullen er verdrukkingen komen veroorzaakt door satan.  Maar er zullen ook verdrukkingen komen door God. De Bijbel spreekt in Openbaring 1: 10 over 'de dag des Heren'. Dat is een periode van oordeel die met name het midden oosten zal treffen 

De tijd lijkt nu nabijer dan ooit. Ik mag letten op de tekenen zo lees ik in Mattheus 24

Johannes mag hier aan de uitverkorenen en de verdrukten laten zien Wie de Messias is, namelijk de Eerste en de Laatste. Johannes mag laten zien dat de Messias uit de dood is opgestaan, dat Hij leeft en dat Hij terug zal komen om te heersen als Koning.

Ga verder naar:
Openbaring 2Openbaring 3,  Openbaring 4Openbaring 5Openbaring 6
Openbaring 7Openbaring 8Openbaring 9Openbaring 10Openbaring 11Openbaring 12, Openbaring 13 en Openbaring 14.



Geen opmerkingen:

Een reactie posten